Tag archief: Vodafone

Beëindiging van de huur voor een antenne-opstelplaats?

Beëindiging van de huur voor een antenne-opstelplaats: vergeet niet de ontruiming aan te zeggen!

Op veel daken van appartementencomplexen tref je ze aan maar ook op diverse kantoorgebouwen, antennes van telecomproviders. Doorgaans heeft de betrokken telecomprovider met de VvE, dan wel de eigenaar van het gebouw, een huurcontract gesloten voor het mogen plaatsen van de antenne-installatie op het dak, of in aan het gebouw.

In het huurrecht wordt de ruimte die wordt verhuurd voor het plaatsen van een dergelijke antenne-installatie aangemerkt als overig gebouwd onroerend goed in de zin van artikel 7:230a BW. Voor VvE’s en ander soort eigenaren is het van belang zich hiervan bewust te zijn en dan met name als de VvE/ eigenaar de huurovereenkomst van een opstelplaats voor een antenne-installatie wil beëindigen. Een dergelijke huurovereenkomst kan door opzegging eenvoudig worden beëindigd. De huurder heeft namelijk geen recht op huurbescherming. Wel komt de huurder van een antenne-opstelplaats in aanmerking voor ontruimingsbescherming. En hierin schuilt voor de VvE/ eigenaar een gevaar!

Bij de verhuur van antenne-opstelplaatsen is het belangrijk dat de VvE/ eigenaar zich bewust is van de ontruimingsbescherming die de huurder toekomt als de VvE/ eigenaar de huurovereenkomst met de telecomprovider wil opzeggen. Deze ontruimingsbescherming speelt overigens geen rol als (1) de huurder zelf de huurovereenkomst heeft opgezegd, (2) de huurder uitdrukkelijk in de huurbeëindiging heeft bewilligd of (3) de huurder veroordeeld is tot ontruiming omdat hij tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit hoofde van de huurovereenkomst (zie 7:230a lid 2 BW).

Waarom moet de VvE/ eigenaar goed opletten als de huurovereenkomst wordt opgezegd?
Naast het opzeggen van de huurovereenkomst tegen een bepaalde datum, is namelijk ook vereist dat de ontruiming schriftelijk en ondubbelzinnig aan de huurder wordt aangezegd. In de praktijk komt het regelmatig voor dat wordt vergeten om de ontruiming aan te zeggen. Dit leidt tot problemen als de huurder niet van plan is om te vertrekken. De huurder is namelijk niet verplicht om het gehuurde onmiddellijk bij het einde van de huurovereenkomst te ontruimen. Vanaf de datum waartegen de ontruiming is aangezegd, begint namelijk een in de wet vastgestelde termijn van twee maanden voor de ontruimingsbescherming van de huurder te lopen. In deze twee maanden kan de huurder het gehuurde nog blijven gebruiken en is huurder niet verplicht om tot ontruiming over te gaan. Als de huurder het gehuurde nog langer wil gebruiken, moet binnen voornoemde termijn van twee maanden een verzoek tot verlenging van die ontruimingsbescherming door de huurder worden ingediend bij de kantonrechter. Zolang de verhuurder de ontruiming niet of onvoldoende duidelijk heeft aangezegd, is de huurder niet verplicht om tot ontruiming over te gaan. Als gevolg hiervan kan de verhuurder zolang de ontruiming door hem niet is aangezegd (en de huurder blijft zitten), in rechte geen ontruiming door de huurder afdwingen.
Naar aanleiding van een verzoek tot verlenging van de ontruimingsbescherming, wordt door de kantonrechter een belangenafweging gemaakt. Met andere woorden de kantonrechter weegt de belangen van de huurder bij voortzetting van het gebruik af tegen de belangen van verhuurder bij ontruiming door de huurder. Zaken die bij de belangenafweging een rol (kunnen) spelen zijn onder meer de beschikbaarheid of het voldoende hebben gezocht naar een alternatieve locatie, investeringen die door de huurder zijn gedaan, de in acht genomen opzegtermijn, een eventuele verkoopwens of wens tot wederverhuur van verhuurder etc.

In praktijk komt het voor dat VvE’s/ eigenaren de huurovereenkomsten met telecomproviders willen beëindigen vanwege een angst voor de straling. Het is echter niet onomstotelijk bewezen dat de straling schadelijk is. In de rechtspraak wordt een angst voor straling bij leden van de VvE/ eigenaar in ieder geval als onvoldoende zwaarwegend belang aangemerkt ten opzichte van het belang van een telecomprovider (huurder) om het gebruik van de antenne-opstelplaats voort te zetten zolang de telecomprovider nog geen alternatieve locatie heeft kunnen vinden. Een verzoek tot verlenging van de ontruimingsbescherming wordt in ieder geval afgewezen als (1) de huurder onbehoorlijk gebruik maakt van het gehuurde, (2) de huurder ernstige overlast veroorzaakt of (3) sprake is van wanbetaling aan de zijde van de huurder. Als sprake is van een van de drie hiervoor genoemde omstandigheden kan van de verhuurder niet worden verwacht dat het gebruik van het gehuurde door huurder voortgezet.
Als de kantonrechter de belangen van de huurder bij voortzetting van het gebruik zwaarder vindt wegen dan de belangen van verhuurder bij beëindiging van het gebruik, wordt de ontruimingstermijn met een jaar verlengd, te rekenen vanaf de einddatum van de huurovereenkomst. Dit kan een andere datum zijn dan de datum waartegen de ontruiming is aangezegd. De huurder kan vervolgens nog maximaal twee keer een verzoek doen tot verlenging van de ontruimingstermijn met een jaar. Deze verzoeken dienen door de huurder steeds één maand voor het verstrijken van de termijn te worden gedaan. Als een VvE/ eigenaar dus niet goed opzegt, kan de VvE/ eigenaar nog zeker drie jaar aan de huurder vastzitten.

Conclusie
Kortom, als de VvE/ eigenaar een huurovereenkomst voor een opstelplaats voor een antenne-installatie wil beëindigen, is het van zeer groot belang dat naast opzegging van de huurovereenkomst ook schriftelijk en ondubbelzinnig de ontruiming wordt aangezegd. Dit geldt ook voor huurovereenkomsten die voor bepaalde tijd zijn aangegaan. Doet de VvE/ eigenaar dit niet of is de opzeggingsbrief niet duidelijk genoeg, dan loopt de VvE/ eigenaar het risico dat ze nog geruime tijd aan de telecomprovider vast zit.

ACM geeft mobiele operators vier weken om roaming op orde te krijgen

‘Roam like at home’ betekent dat de mobiele dienstverlening in andere EU-landen net zo goed moet zijn als in Nederland en dat telecombedrijven dus geen lagere internetkwaliteit mogen aanbieden in het buitenland. Dat benadrukt ACM in een nieuwsbericht waarin het aanbieders van roamingdiensten tot de voorjaarsvakantie de tijd geeft om de buitenlandse dienstverlening op hetzelfde niveau te krijgen als in het binnenland.
Uit onderzoek van ACM blijkt dat niet alle aanbieders zich aan de eis houden die zegt dat roaming binnen de EU onder dezelfde voorwaarden als thuis moet worden aangeboden. Als 4G beschikbaar is, dan moet de operator dat ook aan zijn klant aanbieden als deze dat thuis ook afneemt. ACM geeft telecomaanbieders vier weken de tijd om ervoor te zorgen dat ze zich voortaan aan de regels houden.

Klanten betalen voor 4G
ACM heeft onderzoek gedaan naar de kwaliteit van roaming-diensten tijdens verblijf in het buitenland. Hieruit blijkt dat een aantal aanbieders zich niet altijd aan deze regels houdt. Het komt wel eens voor dat 4G nog niet in elk gebied beschikbaar is, waardoor 3G of zelfs 2G wordt gebruikt, verklaart de toezichthouder. Maar uit het onderzoek van ACM blijkt ook dat aanbieders soms geen 4G bieden terwijl dat wel beschikbaar is. Dat betekent dat Nederlandse klanten in die gevallen wel betalen voor 4G-diensten, maar daar geen gebruik van kunnen maken in het buitenland.
Henk Don, bestuurslid ACM: ‘[…] We willen dat aanbieders er voor de start van de voorjaarsvakantie voor zorgen dat ze de beste kwaliteit mobiel internet bieden die beschikbaar is […]’

Bron: telecompaper

Focus 5G: Vodafone wil 5G network sharing deals in alle markten, Nederlandse operators wachten nog af

Vodafone is in meerdere landen actief de samenwerking aan het zoeken met zijn concurrenten voor wat betreft 5G netwerk sharing. In Spanje heeft het eind april een overeenkomst getekend met Orange. De overeenkomst voorziet in afspraken met betrekking tot het delen van zowel het radiotoegangsnetwerk als backhaul in steden met een bevolking van maximaal 175.000 mensen. De twee partijen hadden al een network sharing overeenkomst voor gemeenten tussen 1.000 en 25.000 mensen. Twee derde van de Spaanse bevolking zal nu worden gedekt door Vodafone en Orange’s gedeelde netwerk.
De overeenkomst met Orange in Spanje is in grote lijnen gelijk aan overeenkomsten die Vodafone in het Verenigd Koninkrijk en Italië sloot met respectievelijk Telefonica en TIM.
In januari van dit jaar maakten Vodafone en Telefonica plannen bekend voor de uitbreiding van hun mobiele site joint venture Cornerstone (CTIL) in het Verenigd Koninkrijk. Met de uitrol van 5G-infrastructuur werden de uitgangspunten van de joint venture vernieuwd. Eind juli kregen de plannen hun definitieve vorm. Binnen de overeenkomst zullen de bedrijven, naast het delen van de masten, tevens gezamenlijk werk maken van de glasvezelconnectiviteit die de mobiele backhaul verzorgt.

Deal met Telecom Italia
In Italië leverden de onderhandelingen met Telecom Italia (TIM) eveneens eind juli een getekende overeenkomst op. TIM en Vodafone tekenden een overeenkomst om hun respectievelijke mobiele toreninfrastructuur samen te voegen en gezamenlijk 5G-netwerken in te zetten in zowel stedelijke als rurale gebieden in heel Italië. Ook voor deze deal geldt dat het een vervolg is op een eerdere overeenkomst, waarbij 5G-technologie efficiënter en goedkoper uitgerold kan worden over een groter geografisch gebied. Net als in het VK en Spanje is de backhaul connectiviteit van de masten via glasvezel in de overeenkomst opgenomen.
Vooralsnog blijft het aantal 5G-samenwerkingsverbanden van Vodafone beperkt tot deze drie, niet toevalling landen waarin voorzichtig een start is gemaakt met 5G. Vodafone Group heeft in het verleden echter te kennen gegeven dat het in alle markten waarin het actief is, network sharing deals wil optuigen. De uitrol van 5G vergt grote inspanningen, helemaal in de grotere landen. Vodafone geeft aan dat het op deze manier veel sneller een geografisch veel groter gebied kan voorzien van 5G-dekking.

Proximus en Orange
De intentieverklaring tussen Proximus en Orange in België laat zien dat dit ook mogelijk is in landen met een kleiner oppervlak (). Beide bedrijven verwachten later dit jaar een network sharing overeenkomst te tekenen. Het delen van de mobiele toegangsnetwerken door Proximus en Orange Belgium zal een snellere en bredere uitrol van 5G in België mogelijk maken, zo stellen beide bedrijven. Daarbij zullen ook de 2G-, 3G- en 4G- technologieën betrokken zijn. Het gedeelde netwerk zal volgens beide bedrijven de dekking verbeteren, met een geconsolideerd aantal mobiele sites dat naar verwachting ongeveer 20% hoger zal liggen in vergelijking met het huidige radiotoegangsnetwerk van elke mobiele aanbieder afzonderlijk. In Nederland hebben de operators eerder dit jaar echter laten weten vooralsnog weinig te zien in zo’n vorm van samenwerking.

Bron: telecompaper

Mobiel Vodafone en Ericsson testen eerste live 5G-verbinding op 3,5GHz band

Vodafone heeft in Maastricht voor het eerst een 5G-verbinding via het bestaande Nederlandse netwerk tot stand gebracht. Daarvoor werd in samenwerking met netwerkleverancier Ericsson het eerste 5G-basisstation op de 3,5 GHz band geactiveerd. Vodafone en Ericsson hebben daarvoor een lokale testlicentie.
“Dit basisstation in Maastricht staat buiten, werkt ‘live’ in het Nederlandse operationele netwerk en maakt gebruik van de 3,5 GHz testfrequentie. Met een 5G-toestel in de buurt van dit basisstation, kunnen we nu daadwerkelijk data over een 5G-verbinding in het netwerk versturen,” aldus Matthias Sauder, directeur Mobiel Netwerk van VodafoneZiggo.

Live testfase en blauwdruk voor volgende pilots
Tijdens deze tests wordt nog niet gewerkt met de hoge data-snelheden die met 5G mogelijk zijn. “We werken nu met beperkt testspectrum en vermogen,” verklaart Matthias Sauder: “Het gaat nog even niet om het behalen van maximale snelheden, maar om deze technologie werkend in ons bestaande netwerk toe te passen.”
De testopstelling is een volgende stap in de ontwikkeling van 5G-netwerken, aldus Vodafone. Eerdere tests werden uitgevoerd in besloten omgevingen en laboratoria. Met de activering van het 5G-basisstation wil Vodafone meer ervaring opdoen met de 5G-technologie. De opstelling in Maastricht is een blauwdruk voor de tests en pilots die later dit jaar ook in Eindhoven uitgevoerd gaan worden.

Bron: telecompaper

Nieuwe vertraging 5G-veiling; 5G internationaal op stoom

De kans dat de Nederlandse multiband (5G) veiling verdere vertraging oploopt is met het uitstel van de nota Mobiele Communicatie verder toegenomen. Een nieuw onderzoek naar de verwachte opbrengst zorgt ervoor dat de start van de veiling in 2019 schier onmogelijk geworden is. Het voorspellen van de 5G-veilingopbrengst is een uitdaging op zich vanwege het grote aantal onzekerheden rondom de biedingenstrijd, zoals de looptijd van de vergunningen, het aantal deelnemers en de beschikbare frequenties tijdens de veiling. Maar ook voorwaarden zoals de wholesale verplichtingen aan MVNO’s en de eisen aan de geografische dekking en servicekwaliteit.
Internationaal is de uitrol van de eerste 5G-netwerken al gestart en gaat de ontwikkeling van nieuwe diensten en producten volop door. Zo zijn Vodafone en Ericsson er bij tests in Spanje en Portugal in geslaagd een grensoverschrijdende 5G verbinding in stand te houden. Analisten voorspellen dat in 2023 een kwart van de smartphones geschikt zal zijn voor gebruik op 5G netwerken. De verwachting is wel dat 5G in eerste instantie vooral impact zal hebben op de enterprise markt.

Bron: telecompaper

5G Handvest: harmonisatie lokaal beleid noodzaak om 5G tot succes te maken

Harmonisatie van lokaal beleid is bittere noodzaak om er voor te zorgen dat de aanleg van alle vaste en mobiele infrastructuur voor 5G-netwerken zonder al te veel problemen kan plaatsvinden. Alleen zo kan Nederland ook zijn koppositie op digitaal gebied in Europa en wereldwijd handhaven.

Reden voor een reeks partijen – zoals operators KPN, VodafoneZiggo en netwerkleveranciers Ericsson en Huawei – om zich in het ‘Handvest 5G’ vast te leggen op intensieve samenwerking die een soepele uitrol van 5G in Nederland moet garanderen. Initiatiefnemer Eurofiber (zakelijke glasvezelinfrastructuur) overhandigde het handvest donderdagavond tijdens de Conferentie Nederland Digitaal aan staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat (EZK).
Met het Handvest 5G willen telecompartijen, bedrijfsleven, belangenorganisaties, kennisinstellingen, lokale en nationale overheden de toezegging onderstrepen met elkaar aan het werk te gaan om de koppositie die Nederland inneemt in de digitale samenleving te behouden.
De betrokken partijen hebben de dilemma’s in de uitrol van 5G op een rij gezet en naar eigen zeggen de eerste constructieve stappen richting verdere samenwerking al gezet. Ook de uitgangspunten zijn helder en dat is, zo stelde Eurofiber-CEO Alex Goldblum, meteen de kern van het Handvest 5G: het commitment dat alle partijen deze uitgangspunten onderschrijven en met elkaar verder aan het werk gaan.

Samen anticiperen
Samen anticiperen op de hoge eisen die de technologische ontwikkeling van 5G – in bredere zin hoogwaardige digitale connectiviteit – stelt, is een van de meest vitale zaken voor de toekomst en zal grote invloed hebben op zowel burgers, bedrijven als overheden, aldus het handvest.

Harmonisatie lokaal beleid
In het handvest spreken partijen onder meer de intentie uit te komen tot verdere harmonisering van lokaal beleid. Zij verwachten dat 5G hierdoor sneller kan worden uitgerold en overlast voor inwoners en administratieve lasten voor de gemeenten kunnen worden beperkt. De combinatie van licenties en infrastructuur betekent dat 5G een miljardeninvestering is. Daarnaast, zo wordt benadrukt, moet er ook voldoende spectrum beschikbaar komen. Dat moet in 2019/2020 gebeuren via de Multibandveiling en waarschijnlijk in 2021 via het veilen van het vrij te maken 3,5 GHz-spectrum.

Meer antennes, meer glasvezel
Maar er zijn ook substantieel meer antennes en glasvezelverbindingen nodig, stelt mede-opsteller van het handvest NLconnect. ‘Op basis van de gestelde industrie-eisen gaat het op de langere termijn om duizenden nieuwe antenne opstelpunten, met minstens zoveel glasvezelverbindingen. Harmonisering van lokaal beleid is dan noodzaak.’
Dat laatste is zeker op het gebied van antenne noodzakelijk, nu de Rijksoverheid via de Omgevingswet het antennebeleid wil decentraliseren – waarschijnlijk vanaf 2021. De meeste gemeenten bleken vorig jaar nog geen antennebeleid te hebben. Bovendien zou er te weinig aandacht zijn voor de aanleg van glasvezel, zo bleek in februari uit een rapport van branchevereniging FCA (Fiber Carrier Association).

Aan het Handvest 5G werkten mee: Alliander; BenCom; Brainport Eindhoven; Eurofiber; Economic Board Groningen; Ericsson Nederland; Gemeente Den Haag; Gemeente Eindhoven; Huawei, KPN; Ministerie van Economische zaken & Klimaat; Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat; Nederland ICT; Netbeheer Nederland; NLconnect; Nokia; Spie; T-Mobile; Tele2; TNO; VNG; VodafoneZiggo; VolkerWessels Telecom.

Bron: telecompaper

Mobiele operators terughoudend met 5G-samenwerking

Nederlandse mobiele operators zijn terughoudend waar het gaat om samenwerking bij de uitrol van 5G-netwerken.

Dat geven diverse woordvoerders aan in reactie op vragen van het Financieele Dagblad. Enkele telecomanalisten geven aan dat het logisch zou zijn om in navolging van enkele buitenlandse operators ook in Nederland te komen tot meer samenwerking om de zeer hoge investeringskosten voor 5G-netwerken te beperken.

Het FD schrijft over miljarden verslindende projecten voor 5G die operators ertoe zouden brengen om vergaander samen te werken bij de uitrol van de nieuwe technologie. Volgens brancheorganisatie GSMA gaat dit in Europa alleen al tussen de EUR 300 en 500 miljard kosten.
Daarbij gaat het zowel om de licentiekosten voor mobiele frequenties – zo is er in Italië bijna EUR 7 miljard betaald voor licenties – als de investeringen in infrastructuur en actieve apparatuur. Het beperktere bereik van vooral de hogere voor 5G bestemde frequentiebanden (zoals 3,5 GHz) zou betekenen dat er veel meer antennemasten en basisstations nodig zijn om eenzelfde bereik en dekking te realiseren als bij 4G.
Onlangs tekenden Vodafone Italia en Telecom italia (TIM) dan ook een memorandum van overeenstemming om de kosten van de uitrol van nieuwe 5G-infrastructuur in heel Italië te delen. Daarbij gaat om om het delen van zowel de passieve infrastructuur zoals antennemasten, als de actieve netwerkapparatuur. Vodafone zou open staan voor meer van dergelijke overeenkomsten, zo citeert het FD Vodafone-CEO Nick Read. ook Andere operators in landen zoals Rusland en Nieuw-Zeeland zouden signalen afgeven dat ze bereid zijn tot dergelijke deals om kosten te beperken.

Geen animo in Nederland
Hoewel Nederlandse operators af en toe al samenwerken bij het aanleggen van een mobiel netwerk – zoals op Schiphol, op Amsterdam en Utrecht CS, de Amsterdam ArenA en in tunnels bij Maastricht en Delft – lijkt er geen animo voor vergaande samenwerking voor 5G-netwerken.
Een woordvoerder van KPN noemt dat een goede oplossing voor plekken waar het netwerk extreme pieken van dataverkeer moet kunnen opvangen, of waar de ruimte beperkt is – zoals stations, stadions of tunnels. Verder wil KPN vasthouden aan een eigen 5G-netwerk. “Een hoogwaardig netwerk is de basis van ons bedrijf en een belangrijke voorwaarde voor klanten om te kiezen voor KPN.”
T-Mobile, dat op korte termijn gaat fuseren met Tele2 Nederland – reageert vergelijkbaar. “Onze concurrenten hebben behalve een mobiel ook een vast netwerk. Wij moeten het in de concurrentiestrijd vooral hebben van ons eigen mobiele netwerk. In de buitengebieden, waar weinig gebruikers zijn, vindt T-Mobile samenwerking overigens wel een optie. “Dat zou je dan samen met de overheid moeten organiseren.”
VodafoneZiggo laat weten dat het meer netwerkdelen momenteel niet aan de orde vindt.

Analisten bepleiten samenwerking
Diverse analisten kijken hier anders tegenaan. “Ik denk dat het onhoudbaar is om weer drie netwerken naast elkaar te bouwen”, meent Remko de Bruijn (A.T. Kearney). “Financieel gezien moeten de telecombedrijven bijna wel meer gaan samenwerken.” Bovendien is dit volgens De Bruijn ook een maatschappelijke kwestie. alle antennes vervuilen het straatbeeld nu al en met 5G zal dit aantal nog sterk toenemen. “De operators zullen zich ook meer onderscheiden op de diensten die ze zullen bieden over een 5G-netwerk.”
Frank Dekker (pensioenfonds APG) wijst erop dat andere grote infrastructuren zoals vliegvelden of treinsporen ook niet meermaals worden aangelegd. “Je gaat ook geen drie snelwegen op elkaar leggen. Echt efficiënt en logisch is het allemaal niet.”

Bron: telecompaper

VodafoneZiggo boekt met Q4 2018 sterkste kwartaal sinds de fusie, overweegt verkoop masten

VodafoneZiggo beleefde in Q4 2018 zijn beste kwartaal sinds het ontstaan van de joint venture.

De omzet stabiliseert en het resultaat groeit. Convergentie (FMC) is een speerpunt in de strategie en een belangrijke motor. Dat blijkt uit de toelichting van CFO Ritchy Drost aan Telecompaper.
VodafoneZiggo bracht in Q4 de omzetdaling terug tot 0,4 procent, terwijl het bedrijfsresultaat met 6,5 procent steeg. Voor 2019 rekent men op een groei van het bedrijfsresultaat van 1 tot 3 procent en uitkeringen aan de beide aandeelhouders van EUR 400-600 miljoen.

Groei door positionering en convergentie
Een van de meest opvallende elementen in het Q4-rapport was het grote aantal postpaid net additions van 50.600, overigens vrijwel gelijk aan de groei in Q3 (50.700). Drost benadrukt dat dit mede het gevolg is van de positionering van het aanbod, waarbij het uitdrukkelijk de ‘onderkant’ van de markt vermijdt.
Ten aanzien van de groei valt op dat er 14.000 kleinzakelijke klanten bijkwamen. Een negatieve impact was er van de FMC-voordelen (een deel van de korting wordt toegewezen aan Consumer Cable), van de verschuiving naar SIM-only (minder handsetverkopen in Consumer Mobile overige) en prijsdruk in zakelijk mobiel (Business Mobile diensten).
Als FMC een groeimotor is, dan ligt de vraag voor de hand: wanneer treedt hierin verzadiging op? Immers, 70 procent van de postpaidbasis van Vodafone heeft al breedband van Ziggo. Drost maakt zich hierover geen zorgen. Ten eerste betreft deze 70 procent het Vodafone-merk; een uitbreiding van de FMC-voordelen (5 euro per maand, dubbele mobiele data, een extra zenderpakket) naar het hollandsenieuwe-merk kan niet uitgesloten worden en zou meer ruimte voor groei geven. Daarnaast staat het aantal breedbandklanten met postpaid nog maar op 32 procent. En ten derde kan het aantal SIM’s per huishouden, nu 1,5, verder omhoog.

Uitkering 2019 stabiel, mogelijk verkoop masten
Een opvallende verklaring in het Q4-rapport betreft de eventuele verkoop van de ‘tower portfolio’. Desgevraagd kan Drost hierover nog niets melden omdat het initiatief zich in een zeer vroeg stadium bevindt (“We intend to explore …”). Ook over de timing van een eventuele deal kan niets gezegd worden. Overigens moet bedacht worden dat niet alle opstelpunten in eigendom zijn en dat sommige gedeeld worden met concurrenten.
Ritchy Drost benadrukt dat er geen financiële noodzaak is tot verkoop van de masten. VodafoneZiggo is een gezond bedrijf met een positieve cash flow. Ten aanzien van dat laatste is de uitkering aan de beide aandeelhouders voor 2019 begroot op EUR 400-600 miljoen. Dat is lager dan de EUR 701 miljoen van 2018, maar daarin zat een bijdrage uit vendor financing van 250 miljoen. Op een vergelijkbare basis is de uitkering dan ook naar verwachting stabiel.

Bron: telecompaper

ACM in conceptadvies 5G: geen vierde mobiele speler nodig

Volgens telecomtoezichthouder ACM is het niet nodig om een vierde mobiele speler toe te laten op de Nederlandse markt. Dat blijkt uit een conceptadvies waarvoor een openbare consultatie gestart is. In het conceptadvies voor het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) beschrijft de ACM beschrijft welke maatregelen nodig zijn om de concurrentie in de mobiele markt te beschermen. Partijen hebben drie weken (tot en met 27 februari) de tijd om te reageren op het conceptadvies.
In het conceptadvies – afgelopen november aangekondigd – concludeert de ACM dat het aannemelijk is om te verwachten dat er de komende vijf jaar sprake blijft van voldoende concurrentie op de mobiele markt. Hoewel de toezichthouder in het algemeen de voorkeur geeft aan zo veel mogelijk concurrentie – dus meer spelers op de markt – is het niet noodzakelijk om binnen de te veilen frequenties ruimte te reserveren voor een nieuwe vierde partij.

Van vier naar drie door fusie
Er waren vier gegadigden voor mobiele frequenties, maar vorig jaar werd duidelijk dat T-Mobile Nederland en Tele2 Nederland wilden fuseren. Eind vorig jaar stelden ook regeringspartijen D66 en VVD het onnodig te vinden om ruimte voor een vierde speler te reserveren bij de multibandveiling. EZK gaf destijds aan geen speciale maatregelen te willen nemen voor nieuwkomers.
Eind 2019 of begin 2020 vindt de zogeheten multibandveiling plaats van mobiele frequenties in de 700-, 1400- en 2100 MHz-banden. De voor de uitrol van 5G belangrijke 3,5 GHz-band zal naar verwachting in 2021 geveild worden, nu de overheid besloten heeft om deze voor 5G belangrijke frequentie in heel Nederland toegankelijk te maken voor netwerkoperators. Tot nu toe maakte de aanwezigheid van een satellietgrondstation van de inlichtingendiensten in Burum het gebruik van 5G in Noord-Nederland onmogelijk. Dit station zal worden verplaatst, zo is onlangs besloten. EZK heeft de ACM gevraagd voor beide veilingen advies uit te brengen.

Cap van 50 procent
De ACM wil EZK ook adviseren om een maximum van 50 procent te stellen aan de totale ruimte aan frequenties die één afzonderlijke partij kan bezitten. Een zogenaamde spectrumcap voorkomt een te hoge concentratie van frequentieruimte bij één partij. Daarnaast beperkt het de mogelijkheid van een partij die aan de veiling deelneemt tot strategisch bieden om zo te voorkomen dat een concurrent spectrum verwerft.
Het voorgenomen advies is om zo’n maximum ook vast te stellen voor het bezit van lage frequenties. Die lage frequenties – zoals de 700 MHz-frequenties die voorheen voor tv-signalen gebruikt werden – zijn volgens ACM nodig om op een kostenefficiënte manier landelijke dekking van het mobiele netwerk te realiseren.

Nieuwe situatie, nieuw advies
In oktober 2017 heeft de ACM al een eerdere versie van het conceptadvies geconsulteerd. Door de fusie van T-Mobile en Tele2 – in november vorig jaar goedgekeurd door de Europese Commissie – is echter een nieuwe situatie ontstaan, die leidt tot een wijziging van het conceptadvies. Het gewijzigde advies wordt nu ter consultatie aangeboden. De reacties worden meegenomen bij de vaststelling van het definitieve advies, dat in maart aan het Ministerie van EZK zal worden aangeboden.

Bron: telecompaper

ACM gaat met marktpartijen in gesprek over 5G-ontwikkeling en regulering

De ACM heeft een paper gepubliceerd over 5G, de nieuwe generatie mobiele netwerken.

Dit paper gaat over regulering en de rol van de toezichthouder bij 5G. Over dat thema gaat de ACM in gesprek met betrokken partijen. Daarvoor wordt in februari een workshop met het thema ‘5G en toezicht’ georganiseerd.
De ACM zet in haar paper uiteen hoe de ontwikkeling van 5G raakt aan haar taken. Daarbij wordt onder andere gekeken naar de technologische mogelijkheden van 5G, de daaraan gekoppelde nieuwe diensten en wat de gevolgen daarvan zijn voor zowel de markt, als de consument en de toezichthouder.

Helpen bij keuzes inzake 5G
Aan bod komen zaken als netneutraliteit, mededingen, nummeruitgifte, het delen van mobiele infrastructuur en het 5G-spectrum. De ACM wil marktpartijen helpen bij keuzes rond de uitrol van het 5G-netwerk binnen de kaders van haar toezicht. In het bijzonder met betrekking tot de volgende onderwerpen en deelgebieden:
Mededinging: 5G kan leiden tot nieuwe vormen van connectiviteit en dat heeft gevolgen voor de rolverdeling tussen partijen in de markt. Daarnaast zullen mogelijk nieuwe spelers en markten ontstaan. Op basis van het mededingingsrecht zal de ACM er op toezien dat er sprake is van eerlijke concurrentie.
Delen van mobiele infrastructuur: Het delen van mobiele infrastructuur kan een manier zijn voor mobiele aanbieders om kosten te besparen of snel een netwerk uit te rollen. Deze voordelen van het delen van infrastructuur worden ook in de European Electronic Communications Code beschreven. Een keerzijde is dat de innovatie en concurrentie tussen mobiele aanbieders kan worden beperkt.
Netneutraliteit: 5G omvat technologieën die de mogelijkheden voor servicedifferentiatie in het netwerk vergroten, zoals network slicing, 5QI en Mobile Edge Computing. Dit leidt in de telecomsector tot vragen over hoe deze technologieën zich verhouden tot de Europese Netneutraliteitsverordening. Die schrijft voor dat in principe al het verkeer binnen het netwerk technisch gelijk dient te worden behandeld. De ACM is op dit moment van oordeel dat de Netneutraliteitsverordening veel ruimte biedt voor de implementatie van 5G technologieën, zoals network slicing, 5QI en Mobile Edge Computing.
Spectrum: Een belangrijke factor bij de totstandkoming van 5G in Nederland is het beschikbaar komen van de frequentiebanden die in Europa het eerst voor 5G worden gebruikt. De ACM ziet de verdeling van frequentiespectrum als een belangrijk beleidsinstrument waarmee invloed kan worden uitgeoefend op de concurrentie in de markt.
Nummeruitgifte: De ACM geeft op basis van de nummerplannen van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat nummers uit en houdt toezicht op het gebruik hiervan. De komst van 5G kan leiden tot een toenemende vraag naar mobiele nummers (06), nummers voor geautomatiseerde toepassingen (097) en mobiele netwerkcodes (MNC’s).
De consument: 5G kan gevolgen hebben voor consumenten. Zo wordt het aanbod aan mobiele abonnementen mogelijk ingewikkelder als 5G-diensten hiervan onderdeel gaat worden. De ACM hecht er belang aan om een soepele overgang naar 5G te ondersteunen en zal dit onder meer doen via de gebruikelijke kanalen zoals ConsuWijzer.

Workshop 5G en toezicht
In februari 2019 organiseert de ACM een workshop met als thema ‘5G en toezicht’. Tijdens de workshop wil de ACM in gesprek gaan met onder meer telecomaanbieders, leveranciers van telecommunicatieapparatuur, consumentenorganisaties en vertegenwoordigers van het Ministerie van EZK en het Agentschap Telecom. De ACM gebruikt de input die zij verkrijgt tijdens de workshop voor het ontwikkelen van leidraden (’guidance’) over de toepassing van regelgeving bij 5G voor bedrijven in de telecomsector. Meer informatie over de workshop volgt begin 2019.
BEREC, het samenwerkingsverband van de Europese telecomtoezichthouders, ziet binnen de kaders van netneutraliteit ruimte voor innovatie en voor de toepassing van technieken rond 5G. Dat schrijft BEREC in een opinie, waaraan de Autoriteit Consument & Markt (ACM) een belangrijke bijdrage leverde.

Bron: telecompaper.com