Tag archief: zendmasten

KPN begonnen met vervanging mobiele sites, apparatuur van Huawei

KPN moderniseert het radionetwerk met apparatuur van Huawei. Na een fase van voorbereidingen is de vervanging echt van start gegaan. De eerste mobiele sites zijn inmiddels omgebouwd naar nieuwe apparatuur, in de regio Den Haag. KPN gaat de huidige apparatuur in heel Nederland vervangen, om de groei van 4G in goede banen te leiden en om 5G te kunnen lanceren.

Per mobiele site wordt alle apparatuur van het dak getakeld en in één keer vervangen, met antennes, radio’s, baseband en voeding/noodstroom. KPN voert een ‘vendor swap’ uit, want het huidige radionetwerk is van Ericsson. Veel sites zijn in 2013 en 2014 neergezet voor de landelijke uitrol van 4G. Deze apparatuur is echter nog niet 5G-ready en moest dus sowieso vervangen worden.
Bij de presentatie van de derde kwartaalcijfers heeft KPN een aantal kenmerken genoemd. De nieuwe apparatuur verwerkt zes tot acht banden per antenne, met meer capaciteit tegen lagere operationele kosten. 95 procent van de sites wordt aangesloten op glasvezel, met een backhaul van 10 Gbps (wat voorlopig genoeg is, maar kan worden vergroot). Voor de 3,5 GHz frequenties wordt een aparte M-MIMO antenne bijgeplaatst, maar die band is ook nog niet beschikbaar. Dat wordt waarschijnlijk niet eerder dan eind 2022.

Huawei in april genoemd
KPN heeft in april de keuze voor Huawei naar buiten gebracht, vertelt een woordvoerder. KPN heeft een langdurig selectieproces gehouden en verschillende leveranciers bekeken. Huawei heeft volgens KPN de beste apparatuur met de grootste capaciteit en de beste prijs-kwaliteitverhouding.
Op dat moment was al lang bekend dat de overheid werkt aan wetgeving voor de beveiliging van 5G-netwerken. KPN heeft daarop geanticipeerd: het mobiele radionetwerk komt van Huawei, maar het mobiele core-netwerk niet. Dat komt van een westerse leverancier. Welke dat is, heeft KPN nog niet bekendgemaakt.
Daarnaast zal KPN nog andere maatregelen nemen, maar een groot deel daarvan is cybersecurity-vertrouwelijk. Begin juli heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid het beleid voor de beveiliging van 5G gepresenteerd. Dat beleid wordt op dit moment uitgewerkt in een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Die wordt in 2020 verwacht.

KPN voert multivendor-beleid
KPN zal zich houden aan die regels en ziet dus nu al geen beletsel voor de keuze van een Huawei radionetwerk. En ook niet alleen in het RAN. KPN heeft enkele jaren geleden het vaste core netwerk en het transportnetwerk vernieuwd met Huawei en OSS/BSS vervangen. Het vaste aansluitnetwerk bevat veel Nokia (Alcatel-Lucent), zowel voor het huidige netwerk als voor het nieuwe GPON.
T-Mobile wilde niet inhoudelijk reageren op vragen over zijn mobiele netwerk. Het merk gebruikt apparatuur van Huawei, zowel in Radio als in Mobiele Core. VodafoneZiggo heeft een radionetwerk en een mobiel core-netwerk van Ericsson.

Bron: telecompaper

Deutsche Telekom speculeert weer over verkoop T-Mobile NL

Deutche Telekom gaat mogelijk de verkoopplannen voor T-Mobile Nederland uit de mottenballen halen. De Nederlandse dochter wordt in 2020 mogelijk naar de beurs gebracht of verkocht. Volgens het Duitse zakenblad Manager Magazin wil DT een aantal bedrijfsonderdelen in de etalage zetten om geld in kas te krijgen. Het tijdschrift baseert zich voor zijn informatie op ingewijden. In 2014 en 2015 waren er ook hardnekkige geruchten over een verkoop van T-Mobile NL.

Manager Magazin stelt dat de verkoop van T-Mobile Nederland – sinds begin dit jaar samengegaan met Tele2 NL – de meest veelbelovende optie is om de kas te spekken. De Nederlandse dochter zou ‘strategisch irrelevant’ zijn omdat het in Nederland vooral bekendstaat om zijn mobiele abonnementen (5,1 mln postpaid, 600.000 prepaid). Ook met Tele2 erbij heeft T-Mobile veel minder abonnees op vaste diensten (circa 600.000). Deutche Telekom wil vooral een vast-mobiele operator worden.

T-Mobile NL wil vast-mobiele speler worden
Overigens wil T-Mobile de komende jaren vaste diensten (Uit & Thuis) op glasvezel uitrollen naar 2,2 miljoen huishoudens in 2021. Het multi-play aanbod Uit & Thuis (vast en mobiel samen) werd eind oktober 2019 geïntroduceerd. In Den Haag is T-Mobile al bezig met glasvezel-dienstverlening. Via de netwerken van KPN en Ziggo moeten de voornoemde 2,2 miljoen huishoudens bereikt gaan worden.
Deutsche Telekom heeft 75 procent van T-Mobile Nederland in bezit, de rest is sinds de fusie van T-Mobile NL en Tele2 NL in handen van de Tele2 Groep. Behalve over T-Mobile Nederland denkt DT na over de toekomst van zijn minderheidsbelang in antennemastenbeheerder Deutsche Funkturm. Dat zou zo’n 9 miljard euro waard zijn. Hoeveel T-Mobile Nederland zou moeten opbrengen is niet bekend.

Eerdere verkoopplannen
In december 2015 schrapte Deutsche Telekom eerdere verkoopplannen voor T-Mobile Nederland. Er zou tijd genomen worden om meerdere scenario’s te onderzoeken. Sindsdien werd over een verkoop niet meer gesproken, tot nu.

Bron: telecompaper

Duitse overheid investeert EUR 1,1 miljard in rurale mobiele dekking

De Duitse regering heeft een aantal punten opgesteld om haar mobiele netwerkstrategie te bepalen. Het plan voorziet tot 2024 onder andere in een investering van EUR 1,1 miljard om mobiele netwerkdekking van zogenoemde witte vlekken te verzorgen. Dat vertelde de staatssecretaris van het Federale Ministerie van Transport en Digitale Infrastructuur Steffen Bilger aan de Stuttgarter Zeitung.

De overheid is van plan om 5.000 mobiele zendmasten te laten bouwen door een openbaar infrastructuurbedrijf. Dit volgt op een eerdere besluit van de Duitse overheid om op plekken die voor de commerciële providers niet rendabel zijn een publiek netwerk uit te rollen. Die landelijke, publieke, MNO komt er niet, maar wel een publiek netwerk in de betreffende onrendabele gebieden. De commerciële providers kunnen vervolgens, tegen betaling, gebruik maken van het publieke netwerk om hun eigen netwerkdekking in die gebieden te verbeteren.

Strengere dekkingsverplichting voor providers
Tegenover het ochtendprogramma Moma verklaarde Kanzleramtminister Helge Braun dat de mobiele dekkingsgraad in Duitsland momenteel rond de 93 procent ligt. De vele witte plekken, met name in rurale gebieden, wijt hij aan falende regels en afspraken met betrekking tot de dekkingsverplichting die ten tijde van de 3G (UMTS) veiling ingesteld zijn.

Bij de 5G-frequentieveiling zijn de leveringsvoorwaarden voor providers verscherpt, zo vervolgde Braun. Providers die 5G-licenties hebben verworven, worden nu verplicht om een mobiel netwerk een dekkingsgraad van 99 procent te leveren. “De resterende 1 procent zal gerealiseerd worden door de investering vanuit de overheid”, daarmee doelend op het besluit om 5000 publieke zendmasten te bouwen.

Publieke infrastructuur
Het publieke infrastructuurbedrijf zal subsidies ontvangen van de staat ter waarde van EUR 5 miljoen om volgend jaar vanaf Q3 te kunnen functioneren, zo meldt Wiwo.de. Het bedrijf wordt een dochteronderneming van Toll Collect dat nu verantwoordelijk is voor de tolheffing voor vrachtverkeer op de Duitse (snel)wegen en een eigen raad van toezicht heeft. Een adviesraad, gevormd door vertegenwoordigers van de overheid, federale staten en gemeenten zal het werk van de openbare onderneming ondersteunen.
Daarnaast wil de regering de komende jaren een communicatiecampagne lanceren om de publieke steun voor de bouw van mobiele masten te bevorderen. Het doel van de campagne is om “transparante en neutrale” informatie te geven over de ontwikkelingen in mobiele communicatie en een diepgaande dialoog met het publiek aan te gaan.

Momenteel heeft Duitsland 74.000 mobiele sites nodig.
Een ander probleem dat de Duitse overheid aan wil pakken, is de goedkeuringsperiode voor het bouwen van mobiele sites. Momenteel kost dat gemiddeld 18 maanden. Vorige week kondigden Deutsche Telekom, Telefonica en Vodafone een partnerschap aan om 6000 mobiele sites te bouwen om de breedbanddekking te verbeteren.

Bron: telecompaper

Grapperhaus: mobiel breedband beoogd opvolger C2000

De opvolger van het vertraagde, nog op te leveren C2000-netwerk zal waarschijnlijk gebaseerd worden op mobiel breedband. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van de antenne-infrastructuur van mobiele operators. Dat stelt minister Grapperhaus (Justitie & Veiligheid) in een brief aan de Tweede Kamer.
De minister schrijft in de brief over de uitkomsten van een in april beloofde verkenning naar een mogelijke opvolger van het C2000-spraaknetwerk. De aanleiding van de verkenning was het advies van de AIVD om over te gaan naar een oplossing waarbij de afhankelijkheid van landen met een offensief cyberprogramma gericht tegen Nederlandse belangen is geminimaliseerd.

Onrust over Chinese leveranciers
Hoewel Grapperhaus geen namen noemt, is duidelijk dat het ook om China gaat, waar C2000-leverancier Hytera vandaan komt. De afgelopen anderhalf jaar is er politieke en maatschappelijke onrust ontstaan over verwevenheid tussen Chinese leveranciers van netwerktechnologie en de Chinese overheid. Er bestaat onder meer vrees voor Chinese spionage en hack-pogingen via achterdeurtjes in netwerkapparatuur van leveranciers zoals Hytera en Huawei.
Grapperhaus zei in juni al in de Tweede Kamer dat er wordt gekeken naar ‘een nieuw nieuw netwerk’. Binnen vijf jaar moet dat ‘nieuwe nieuwe net’ er staan. dat betekent dat het vertraagde C2000-netwerk op basis van apparatuur van het Chinese Hytera niet langer dan vijf jaar zal functioneren. Op advies van de AIVD werkt Justitie sindsdien aan een traject van specificatie, aanbesteding en realisatie voor een communicatiesysteem dat niet of minder draait op het Chinese Hytera. Dat leidt tot versnelde afschrijvingen en hogere kosten.

Mobiel breedband voor missiekritieke communicatie
De minister wijst op voorbeelden van andere landen waar gekozen wordt voor bestaande mobiele breedbandnetwerken voor missiekritieke communicatie van hulpdiensten (in Nederland: Politie, Brandweer, Ambulancediensten en Koninklijke Marechaussee).
‘Een internationale vergelijking laat zien dat meerdere landen kiezen voor mobiel breedband als drager voor missiekritieke communicatie. Landen als het Verenigd Koninkrijk en Finland zijn in een vergevorderd stadium van het vervangen van hun bestaande (TETRA-gebaseerde) systemen door een systeem gebaseerd op mobiel breedband waarbij gebruikt wordt gemaakt van het antennenetwerk van mobiele netwerkoperators.
Volgens Grapperhaus levert overleg met de operationele partijen over de uitgangspunten en randvoorwaarden waaraan een nieuw systeem dient te voldoen op, dat zo’n systeem gebaseerd op mobiel breedband op dit moment het meest aansluit bij de toekomstige wensen van de gebruikers.

Logische vervolgstap
‘Alles overziend ben ik van oordeel dat het nader uitwerken van de contouren van een nieuw systeem waarbij de (missiekritische) communicatie verloopt via mobiel breedband een logische vervolgstap is in het kader van deze verkenning.’ Een haalbaarheidsonderzoek de komende maanden moet de voor- en nadelen van verschillende modellen voor missiekritieke communicatie gebaseerd op mobiel breedband in beeld brengen. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met de huidige situatie.
Een soortgelijke risicoanalyse is eerder ook gemaakt in het kader van het 5G-traject, onder meer bedoeld voor het aanvullen van een visie hierop van de Europese Commissie. In het haalbaarheidsonderzoek zal daarnaast aandacht zijn voor financiën, besturing en bruikbaarheid, (cyber)veiligheid, technische implicaties en juridische- en wetstechnische consequenties van een overstap naar een systeem gebaseerd op mobiel breedband.

Vijf jaar voor nieuw C2000
Grapperhaus herhaalt dat het een jaar of vijf zal duren voordat een nieuw C2000 actief kan worden. Ervaringen in het Verenigd Koninkrijk en Finland laten zien dat het om een meerjarig en langlopend traject gaat. De inzet van het haalbaarheidsonderzoek is om tevens meer inzicht te verschaffen in de duur van het traject.
In de zomer van 2020 hoopt Grapperhaus met nieuwe inzichten te komen op basis van onder meer het haalbaarheidsonderzoek.

Bron: telecompaper

EU: nieuwe bedreigingen voor 5G-netwerken snel aanpakken

De uitrol van 5G-netwerken zorgt voor nieuwe bedreigingen en kwetsbaarheden waarvoor tijdig maatregelen genomen moeten worden. De toenemende afhankelijkheid van mobiele operators van een beperkt aantal netwerkleveranciers kan de risico’s van cyberaanvallen, al dan niet gesteund door staten, doen toenemen. Dat zijn de belangrijkste conclusies van een rapport van de EU-lidstaten, de Europese Commissie en het Europees Agentschap voor cyberveiligheid (ENISA).

De gecoördineerde EU-risicobeoordeling over cyberveiligheid in 5G-netwerken is volgens de EU een belangrijke stap in de uitvoering van een aanbeveling van de Commissie die in maart 2019 is aangenomen. De EC stelde toen maatregelen voor om een hoog niveau van cyberbeveiliging van 5G-netwerken in de EU te waarborgen. Daarop hebben EU-lidstaten een eigen risicobeoordeling gemaakt die mede als basis voor het rapport is gebruikt.
Dit gebeurde mede naar aanleiding van alle commotie die is ontstaan over de veiligheid van netwerken van Chinese leveranciers zoals Huawei en ZTE, met name aangewakkerd door de VS. Overigens worden er geen namen van netwerkleveranciers of landen genoemd, maar in het recente verleden is met name op China, Rusland en Noord-Korea gewezen als statelijke actoren die kwaadwillende hackerscollectieven ondersteunen of zelfs aansturen.

In Nederland worden vooralsnog geen maatregelen getroffen om met name Huawei te weren, ondanks zorgen hierover bij de Tweede Kamer. Wel heeft KPN besloten om de netwerkleverancier bij de aanleg van een 5G-netwerk alleen randapparatuur te laten leveren, niet de kern van het netwerk. Dit geldt ook voor landen als het Verenigd Koninkrijk, waar de overheid dit heeft besloten. Eerder dit jaar was er nog ophef over potentiële spionage met behulp van Huawei-apparatuur via de klantsystemen van operators zoals KPN.

Solide risico-aanpak, preventie
Het belang van een solide risico-aanpak en preventieve maatregelen ter bescherming van 5G-netwerken zijn volgens het rapport een must. Deze netwerken vormen de toekomstige ruggengraat van steeds meer gedigitaliseerde economieën en samenlevingen. Miljarden verbonden objecten en systemen zijn betrokken, ook in kritieke sectoren zoals energie, transport, bankwezen en gezondheid, evenals industriële controlesystemen die gevoelige informatie bevatten en veiligheidssystemen ondersteunen.
Het waarborgen van de veiligheid en veerkracht van 5G-netwerken op EU- en nationaal niveau is daarom van essentieel belang, aldus de opstellers van het rapport. De inhoud is gebaseerd op de resultaten van de nationale cyberveiligheidsbeoordelingen door alle EU-lidstaten. Het identificeert de belangrijkste bedreigingen en bedreigingsactoren (zoals hackerscollectieven, al dan niet door staten gesteund), de meest gevoelige activa, de belangrijkste kwetsbaarheden (inclusief technische en andere soorten kwetsbaarheden) en een aantal strategische risico’s.

Aantal belangrijke veiligheidsuitdagingen
Het rapport identificeert een aantal belangrijke beveiligingsuitdagingen in 5G-netwerken, vergeleken met de situatie in bestaande (4G)-netwerken. Deze beveiligingsuitdagingen komen vooral voort uit:
Belangrijke innovaties in de 5G-technologie (die ook een aantal specifieke beveiligingsverbeteringen opleveren), met name het belangrijke deel van software (SDN) en het brede scala aan diensten en toepassingen die mogelijk worden door 5G;
De rol van leveranciers bij het bouwen en exploiteren van 5G-netwerken en de mate van afhankelijkheid van individuele leveranciers.
Als veiligheidsrisico’s worden genoemd:
Een verhoogde blootstelling aan aanvallen en meer potentiële toegangspunten voor aanvallers: met 5G-netwerken die steeds meer software-gebaseerd zijn, worden risico’s van grote beveiligingsfouten, (zoals risico’s die voortvloeien uit slechte softwareontwikkelingsprocessen bij leveranciers), steeds belangrijker. Ze kunnen het voor bedreigingsactoren (zoals hackers) ook makkelijker maken om zelf achterdeuren in producten te bouwen en ze moeilijker te vinden maken.
Vanwege nieuwe kenmerken van de 5G-netwerkarchitectuur en nieuwe functionaliteiten worden bepaalde netwerkapparatuur of -functies gevoeliger, zoals basisstations of belangrijke technische beheerfuncties van de netwerken.
Een verhoogde blootstelling aan risico’s in verband met de afhankelijkheid van mobiele operators van een beperkt aantal netwerkleveranciers. Dit zal ook leiden tot een groter aantal aanvalspaden die kunnen worden uitgebuit door bedreigingsactoren en de potentiële ernst van de impact van dergelijke aanvallen vergroten. Van de verschillende potentiële actoren worden niet-EU-staten of door de staat gesteunde hackergroepen beschouwd als de ernstigste en meest waarschijnlijke doelgroepen van 5G-netwerken.
In deze context van verhoogde blootstelling aan door leveranciers gefaciliteerde aanvallen, zal het risicoprofiel van individuele leveranciers bijzonder belangrijk worden, inclusief de kans dat de leverancier wordt beïnvloed door een niet-EU-land.
Verhoogde risico’s door grote afhankelijkheden van leveranciers: een grote afhankelijkheid van één enkele leverancier verhoogt blootstelling aan de mogelijke onderbreking van levering van benodigde netwerkcomponenten – zoals door productieproblemen – en de gevolgen daarvan. Het verergert ook de potentiële impact van zwaktes of kwetsbaarheden in software, en van hun mogelijke uitbuiting door bedreigingsactoren, met name wanneer de afhankelijkheid betrekking heeft op een leverancier met een hoog risico.
Bedreigingen voor de beschikbaarheid en integriteit van netwerken zullen grote beveiligingsproblemen worden: naast vertrouwelijkheids- en privacy-bedreigingen worden 5G-netwerken naar verwachting de ruggengraat van vele kritieke IT-toepassingen, maar de integriteit en beschikbaarheid van die netwerken zullen grote nationale beveiligingsproblemen worden en een grote veiligheidsuitdaging vanuit EU-perspectief.

Nieuwe beoordeling beveiligingskader mobiele sector
Samen vormen deze uitdagingen een nieuw veiligheidsparadigma, waardoor het noodzakelijk is het huidige beleids- en beveiligingskader voor de mobiele sector en het omringende ecosysteem opnieuw te beoordelen. Het is volgens het rapport essentieel voor EU-lidstaten om de nodige mitigerende maatregelen te nemen.
Om het rapport van de lidstaten aan te vullen, is het European Agency for Cybersecurity (ENISA) bezig met het verder in kaart brengen van het dreigingslandschap met betrekking tot 5G-netwerken, waarin bepaalde technische aspecten die in het rapport worden behandeld, nader worden bekeken.
Tegen 31 december 2019 moet de samenwerkingsgroep overeenstemming bereiken over een reeks instrumenten met mitigerende maatregelen om de geïdentificeerde cyberveiligheidsrisico’s op nationaal en EU- niveau aan te pakken.
Tegen 1 oktober 2020 moeten de lidstaten – met de Commissie – de effecten van de aanbeveling beoordelen om te bepalen of verdere actie nodig is. Bij deze beoordeling moet rekening worden gehouden met de resultaten van de gecoördineerde Europese risicobeoordeling en met de effectiviteit van de maatregelen.

Bron: telecompaper

Focus 5G: Elektromagnetische stralingsstandaarden overal onderwerp van discussie

De landelijke demonstratie tegen 5G van maandag 9 september, bestaand uit een protestmars in Den Haag, trok enkele honderden deelnemers. Het duurt nog even voordat 5G in Nederland op commerciële basis en landelijk dekkend aanwezig is en de protesten zijn daarom waarschijnlijk nog kleinschalig. Verwacht mag worden dat dit gaat toenemen als 5G realiteit wordt.
De straling van de nieuwe mobiele technologie wordt door de overheid vanzelfsprekend serieus genomen, zoals dat ook in andere landen gebeurt. De Franse autoriteiten kondigden begin deze maand een marktconsultatie aan over voorgestelde wijzigingen in de ANFR-richtlijnen voor het meten van blootstelling aan elektromagnetische straling op mobiele netwerken. Het doel is om de procedures voor nieuwe 5G-spectrumbanden bij te werken.
De consultatie focust op het gebruik van de 3,4-3,8 GHz band, die op korte termijn wordt opengesteld voor 5G-diensten, en nieuwe technieken als TDD en beamvorming die de mate van blootstelling en meetbaarheid veranderen. De mmWave banden, op 26 GHz en hoger, zullen in een later stadium worden meegenomen.

Poolse toezichthouder wil hogere stralingsnormen
De Poolse toezichthouder pleit juist voor een verhoging van de elektromagnetische stralingsstandaarden, omdat de huidige beperkingen de ontwikkeling van 5G in het land in de weg staan. De Poolse standaard ligt op 0,1 W per vierkante meter, wat veel lager ligt dan in veel andere Europese landen met stralingsnormen van 7 of 8 W per vierkante meter. Als de norm in Polen niet omhoog gaat, dan zou de interesse in de 5G-spectrumveiling wel eens kunnen tegenvallen, zo gaf de president van toezichthouder UKE aan.
Eerder dit jaar werd dit al eens aangekaart, maar tot dusverre zonder verandering in het beleid.
Niet alleen in Polen, ook in België zijn soortgelijke geluiden te horen. De regering van het Brussels gewest krijgt regelmatig kritiek over de lage normen die het hanteert met betrekking tot mobiele stralingen. Ook daar werd al gewaarschuwd voor een achterstand waar het om de toekomst van 5G gaat.

Nieuwe meettechnieken
In april publiceerde de International Electrotechnical Commission (IEC) een technisch rapport dat de blootstelling van mensen aan radiofrequentievelden in de buurt van basisstations evalueert. Daarbij is ook gekeken naar het effect van 5G-basisstations en small cells. Het rapport is bedoeld voor facility managers, gebouweigenaren en overheden en lokale gemeenschappen, die het kunnen gebruiken om hun eigen netwerken en basisstations correct te testen.
In het eerste kwartaal van 2019 mat het Agentschap Telecom op dertien locaties wat de straling bij zendmasten (niet 5G) was. In alle gevallen bleek volgens het Antennebureau dat de straling ver onder de strengste norm (28 V/m, volt per meter) zit.

Zorgen onder Nederlanders onderzocht
Telecompaper ondervroeg eerder dit jaar het publiek hoe het aankijkt tegen mogelijke gezondheidsrisico’s door straling die elektromagnetische velden rondom 5G-antennes kunnen veroorzaken. We ondervroegen via het Consumer Insights-panel ruim 900 respondenten en zagen onder andere dat ruim de helft van de respondenten zich (helemaal) geen zorgen maakt. 27 procent maakt zich een beetje zorgen. 5 procent maakt zich erge zorgen.

5G-straling is onderwerp van discussie tijdens Telecom Insights
Op 28 november organiseert Telecompaper het congres Telecom Insights dat volledig in het teken staat van de impact van 5G in Nederland. In de break-out sessie City wordt ingegaan op het vraagstuk elektromagnetische straling.

Bron: telecompaper

Focus 5G: Vodafone wil 5G network sharing deals in alle markten, Nederlandse operators wachten nog af

Vodafone is in meerdere landen actief de samenwerking aan het zoeken met zijn concurrenten voor wat betreft 5G netwerk sharing. In Spanje heeft het eind april een overeenkomst getekend met Orange. De overeenkomst voorziet in afspraken met betrekking tot het delen van zowel het radiotoegangsnetwerk als backhaul in steden met een bevolking van maximaal 175.000 mensen. De twee partijen hadden al een network sharing overeenkomst voor gemeenten tussen 1.000 en 25.000 mensen. Twee derde van de Spaanse bevolking zal nu worden gedekt door Vodafone en Orange’s gedeelde netwerk.
De overeenkomst met Orange in Spanje is in grote lijnen gelijk aan overeenkomsten die Vodafone in het Verenigd Koninkrijk en Italië sloot met respectievelijk Telefonica en TIM.
In januari van dit jaar maakten Vodafone en Telefonica plannen bekend voor de uitbreiding van hun mobiele site joint venture Cornerstone (CTIL) in het Verenigd Koninkrijk. Met de uitrol van 5G-infrastructuur werden de uitgangspunten van de joint venture vernieuwd. Eind juli kregen de plannen hun definitieve vorm. Binnen de overeenkomst zullen de bedrijven, naast het delen van de masten, tevens gezamenlijk werk maken van de glasvezelconnectiviteit die de mobiele backhaul verzorgt.

Deal met Telecom Italia
In Italië leverden de onderhandelingen met Telecom Italia (TIM) eveneens eind juli een getekende overeenkomst op. TIM en Vodafone tekenden een overeenkomst om hun respectievelijke mobiele toreninfrastructuur samen te voegen en gezamenlijk 5G-netwerken in te zetten in zowel stedelijke als rurale gebieden in heel Italië. Ook voor deze deal geldt dat het een vervolg is op een eerdere overeenkomst, waarbij 5G-technologie efficiënter en goedkoper uitgerold kan worden over een groter geografisch gebied. Net als in het VK en Spanje is de backhaul connectiviteit van de masten via glasvezel in de overeenkomst opgenomen.
Vooralsnog blijft het aantal 5G-samenwerkingsverbanden van Vodafone beperkt tot deze drie, niet toevalling landen waarin voorzichtig een start is gemaakt met 5G. Vodafone Group heeft in het verleden echter te kennen gegeven dat het in alle markten waarin het actief is, network sharing deals wil optuigen. De uitrol van 5G vergt grote inspanningen, helemaal in de grotere landen. Vodafone geeft aan dat het op deze manier veel sneller een geografisch veel groter gebied kan voorzien van 5G-dekking.

Proximus en Orange
De intentieverklaring tussen Proximus en Orange in België laat zien dat dit ook mogelijk is in landen met een kleiner oppervlak (). Beide bedrijven verwachten later dit jaar een network sharing overeenkomst te tekenen. Het delen van de mobiele toegangsnetwerken door Proximus en Orange Belgium zal een snellere en bredere uitrol van 5G in België mogelijk maken, zo stellen beide bedrijven. Daarbij zullen ook de 2G-, 3G- en 4G- technologieën betrokken zijn. Het gedeelde netwerk zal volgens beide bedrijven de dekking verbeteren, met een geconsolideerd aantal mobiele sites dat naar verwachting ongeveer 20% hoger zal liggen in vergelijking met het huidige radiotoegangsnetwerk van elke mobiele aanbieder afzonderlijk. In Nederland hebben de operators eerder dit jaar echter laten weten vooralsnog weinig te zien in zo’n vorm van samenwerking.

Bron: telecompaper

Vodafone, Ericsson, Eindhoven stappen in 5G op 3,5 GHz-band

Vodafone heeft met Ericsson en de gemeente Eindhoven een intentieovereenkomst getekend met betrekking tot 5G-pilots in de stad. Het bedrijf heeft daartoe een testlicentie in de 3,5 GHz-band verkregen van het Agentschap Telecom van het Ministerie van EZK. Focus zal liggen op nieuwe toepassingen die door 5G mogelijk worden. Ook toestellen op 3,5 GHz zijn hier dan te testen. Na de zomer zullen de eerste pilots van start gaan.

De intentieverklaring is getekend op de High Tech Campus. Op deze plek wordt een 5G-lab ingericht waar bedrijven (startups, mkb-bedrijven, multinationals), studenten en wetenschappers nieuwe 5G-toepassingen en prototypes kunnen testen en onderwerpen aan een praktijkproef. Hierbij zal LUMO Labs, de in Eindhoven gevestigde ‘vroege fase’ investeerder en accelerator, als partner een aanjagende rol hebben om startups en studentinitiatieven te selecteren en te begeleiden.
De 5G testfrequentie in Eindhoven is te benutten voor pilots met maatschappelijke impact voor iedereen in de stad, zo leggen de initiatiefnemers uit. Een concreet project in voorbereiding is ‘Connected Ambulances’, een samenwerking van VodafoneZiggo en Ericsson met Philips, GGD ambulancedienst en het Catharina Ziekenhuis Eindhoven. Inzet is om met 5G-verbindingen al tijdens de rit van een ambulance ‘hulp op afstand’ te bieden bij de diagnose en voorbereiding op een behandeling.

PSV-spelers worden met 5G-360-graden camera’s gevolgd
Ook is een aantal initiatieven gericht op het ontwikkelen van ‘slimme locaties’ om een groter publiek te laten ervaren wat er in de stad leeft. In het Philips Stadion van PSV zullen mogelijkheden worden onderzocht om met 5G-360-graden camera’s de verrichtingen van de voetballers te laten zien vanuit een zelfgekozen blikveld. Je zit dan virtueel op de eerste rij of zelfs naast de wisselspelers in de dug-out, terwijl je thuis kijkt vanuit je eigen stoel.
Voor de Eindhovense poptempel Effenaar zijn plannen om een popconcert of event ook virtueel ‘live’ bij te wonen. Daarbij zijn 5G-experimenten mogelijk, bijvoorbeeld door toevoeging van een digitale laag met extra informatie.

Maatschappelijke uitdagingen
Centrale vraag van de samenwerking is: hoe kun je maatschappelijke uitdagingen in steden – zoals stijgende zorgbehoeftes of verkeersproblemen – oplossen met behulp van nieuwe technologieën? Ook andere aspecten, zoals vragen over mogelijke gevolgen voor de gezondheid en ruimtelijke inpassing, krijgen hierbij aandacht, zeggen de drie partijen. Betrokken partijen gaan een maatschappelijk commitment aan en richten zich op het opzetten van 5G-testfaciliteiten op een aantal locaties in Eindhoven.
Ondertekening met Ajax-PSV in hologram
De ondertekening van de 5G-intentieverklaring vond plaats op de High Tech Campus in Eindhoven tijdens het werkbezoek van de Europese Commissie, de Vereniging Nederlandse Gemeenten en 70 afgevaardigden van Europese steden. De 5G-verbintenis werd gesymboliseerd door een virtuele ontmoeting van de algemeen directeuren Edwin van der Sar van Ajax en Toon Gerbrands van PSV. Vanuit Amsterdam was Van der Sar als hologram in Eindhoven aanwezig om zijn opponent succes te wensen voor het duel Ajax-PSV, dat 31 maart wordt gespeeld.

Born: telecompaper

5G Handvest: harmonisatie lokaal beleid noodzaak om 5G tot succes te maken

Harmonisatie van lokaal beleid is bittere noodzaak om er voor te zorgen dat de aanleg van alle vaste en mobiele infrastructuur voor 5G-netwerken zonder al te veel problemen kan plaatsvinden. Alleen zo kan Nederland ook zijn koppositie op digitaal gebied in Europa en wereldwijd handhaven.

Reden voor een reeks partijen – zoals operators KPN, VodafoneZiggo en netwerkleveranciers Ericsson en Huawei – om zich in het ‘Handvest 5G’ vast te leggen op intensieve samenwerking die een soepele uitrol van 5G in Nederland moet garanderen. Initiatiefnemer Eurofiber (zakelijke glasvezelinfrastructuur) overhandigde het handvest donderdagavond tijdens de Conferentie Nederland Digitaal aan staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat (EZK).
Met het Handvest 5G willen telecompartijen, bedrijfsleven, belangenorganisaties, kennisinstellingen, lokale en nationale overheden de toezegging onderstrepen met elkaar aan het werk te gaan om de koppositie die Nederland inneemt in de digitale samenleving te behouden.
De betrokken partijen hebben de dilemma’s in de uitrol van 5G op een rij gezet en naar eigen zeggen de eerste constructieve stappen richting verdere samenwerking al gezet. Ook de uitgangspunten zijn helder en dat is, zo stelde Eurofiber-CEO Alex Goldblum, meteen de kern van het Handvest 5G: het commitment dat alle partijen deze uitgangspunten onderschrijven en met elkaar verder aan het werk gaan.

Samen anticiperen
Samen anticiperen op de hoge eisen die de technologische ontwikkeling van 5G – in bredere zin hoogwaardige digitale connectiviteit – stelt, is een van de meest vitale zaken voor de toekomst en zal grote invloed hebben op zowel burgers, bedrijven als overheden, aldus het handvest.

Harmonisatie lokaal beleid
In het handvest spreken partijen onder meer de intentie uit te komen tot verdere harmonisering van lokaal beleid. Zij verwachten dat 5G hierdoor sneller kan worden uitgerold en overlast voor inwoners en administratieve lasten voor de gemeenten kunnen worden beperkt. De combinatie van licenties en infrastructuur betekent dat 5G een miljardeninvestering is. Daarnaast, zo wordt benadrukt, moet er ook voldoende spectrum beschikbaar komen. Dat moet in 2019/2020 gebeuren via de Multibandveiling en waarschijnlijk in 2021 via het veilen van het vrij te maken 3,5 GHz-spectrum.

Meer antennes, meer glasvezel
Maar er zijn ook substantieel meer antennes en glasvezelverbindingen nodig, stelt mede-opsteller van het handvest NLconnect. ‘Op basis van de gestelde industrie-eisen gaat het op de langere termijn om duizenden nieuwe antenne opstelpunten, met minstens zoveel glasvezelverbindingen. Harmonisering van lokaal beleid is dan noodzaak.’
Dat laatste is zeker op het gebied van antenne noodzakelijk, nu de Rijksoverheid via de Omgevingswet het antennebeleid wil decentraliseren – waarschijnlijk vanaf 2021. De meeste gemeenten bleken vorig jaar nog geen antennebeleid te hebben. Bovendien zou er te weinig aandacht zijn voor de aanleg van glasvezel, zo bleek in februari uit een rapport van branchevereniging FCA (Fiber Carrier Association).

Aan het Handvest 5G werkten mee: Alliander; BenCom; Brainport Eindhoven; Eurofiber; Economic Board Groningen; Ericsson Nederland; Gemeente Den Haag; Gemeente Eindhoven; Huawei, KPN; Ministerie van Economische zaken & Klimaat; Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat; Nederland ICT; Netbeheer Nederland; NLconnect; Nokia; Spie; T-Mobile; Tele2; TNO; VNG; VodafoneZiggo; VolkerWessels Telecom.

Bron: telecompaper

VodafoneZiggo boekt met Q4 2018 sterkste kwartaal sinds de fusie, overweegt verkoop masten

VodafoneZiggo beleefde in Q4 2018 zijn beste kwartaal sinds het ontstaan van de joint venture.

De omzet stabiliseert en het resultaat groeit. Convergentie (FMC) is een speerpunt in de strategie en een belangrijke motor. Dat blijkt uit de toelichting van CFO Ritchy Drost aan Telecompaper.
VodafoneZiggo bracht in Q4 de omzetdaling terug tot 0,4 procent, terwijl het bedrijfsresultaat met 6,5 procent steeg. Voor 2019 rekent men op een groei van het bedrijfsresultaat van 1 tot 3 procent en uitkeringen aan de beide aandeelhouders van EUR 400-600 miljoen.

Groei door positionering en convergentie
Een van de meest opvallende elementen in het Q4-rapport was het grote aantal postpaid net additions van 50.600, overigens vrijwel gelijk aan de groei in Q3 (50.700). Drost benadrukt dat dit mede het gevolg is van de positionering van het aanbod, waarbij het uitdrukkelijk de ‘onderkant’ van de markt vermijdt.
Ten aanzien van de groei valt op dat er 14.000 kleinzakelijke klanten bijkwamen. Een negatieve impact was er van de FMC-voordelen (een deel van de korting wordt toegewezen aan Consumer Cable), van de verschuiving naar SIM-only (minder handsetverkopen in Consumer Mobile overige) en prijsdruk in zakelijk mobiel (Business Mobile diensten).
Als FMC een groeimotor is, dan ligt de vraag voor de hand: wanneer treedt hierin verzadiging op? Immers, 70 procent van de postpaidbasis van Vodafone heeft al breedband van Ziggo. Drost maakt zich hierover geen zorgen. Ten eerste betreft deze 70 procent het Vodafone-merk; een uitbreiding van de FMC-voordelen (5 euro per maand, dubbele mobiele data, een extra zenderpakket) naar het hollandsenieuwe-merk kan niet uitgesloten worden en zou meer ruimte voor groei geven. Daarnaast staat het aantal breedbandklanten met postpaid nog maar op 32 procent. En ten derde kan het aantal SIM’s per huishouden, nu 1,5, verder omhoog.

Uitkering 2019 stabiel, mogelijk verkoop masten
Een opvallende verklaring in het Q4-rapport betreft de eventuele verkoop van de ‘tower portfolio’. Desgevraagd kan Drost hierover nog niets melden omdat het initiatief zich in een zeer vroeg stadium bevindt (“We intend to explore …”). Ook over de timing van een eventuele deal kan niets gezegd worden. Overigens moet bedacht worden dat niet alle opstelpunten in eigendom zijn en dat sommige gedeeld worden met concurrenten.
Ritchy Drost benadrukt dat er geen financiële noodzaak is tot verkoop van de masten. VodafoneZiggo is een gezond bedrijf met een positieve cash flow. Ten aanzien van dat laatste is de uitkering aan de beide aandeelhouders voor 2019 begroot op EUR 400-600 miljoen. Dat is lager dan de EUR 701 miljoen van 2018, maar daarin zat een bijdrage uit vendor financing van 250 miljoen. Op een vergelijkbare basis is de uitkering dan ook naar verwachting stabiel.

Bron: telecompaper