Blog

Veldsterkte bij 5G-testlocaties op 3,5 GHz-band binnen de limiet

Op 10 juni 2020 heeft Agentschap Telecom twee 5G-veldsterktemetingen uitgevoerd bij massive MIMO-antennes die gebruik maken van de 3,5 GHz-band. De breedbandige veldsterktes bedroegen 0,97 en 1,23 volt per meter (V/m) en liggen daarmee ruim onder de blootstellingslimieten.

Gemeten waarden

Gemeten waarden 5G-testlocaties
Locatie Soort meting Type antenne(s) Meetafstand Technologie Veldsterkte
Nuenen breedbandig sectorantenne
massive MIMO
250 meter 2G, 3G, 4G, 5G 0,97 V/m
selectief massive MIMO 250 meter 5G 0,30 V/m
Helmond breedbandig sectorantenne
massive MIMO
210 meter 2G, 3G, 4G, 5G 1,23 V/m
selectief massive MIMO 210 meter 5G 0,94 V/m

De 3,5 GHz-band is door de Europese Unie aangewezen voor 5G. De installaties maakten gebruik van het 5G New Radio protocol. In beide opstellingen is aan een massive MIMO-antenne gemeten. Meer informatie staat in het meetrapport Veldsterktemetingen aan 5G antenne-installaties in de 3,5 GHz-band.

Agentschap Telecom volgt de ontwikkelingen en blijft meten aan 5G.

Blootstellingslimieten gelden ook voor 5G-antennes

De ICNIRP-blootstellingslimieten die gelden voor 2G, 3G en 4G, gelden ook voor 5G. De limieten lopen, afhankelijk van de frequentie, van 28 tot 61 V/m. De limiet voor de frequentie van 3,5 GHz is 61 V/m. Agentschap Telecom meet de elektromagnetische veldsterkte vanuit zijn toezichtstaak steekproefsgewijs door heel Nederland. Alle metingen zijn openbaar en staan op de website van het Antennebureau op de pagina Resultaten metingen straling antennes.

Bron: antennebureau

Multibandveiling afgelopen: KPN, T-Mobile en VodafoneZiggo verwerven frequenties

Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Agentschap Telecom maakten gisteren bekend dat de Multibandveiling afgerond is. KPN, T-Mobile en VodafoneZiggo verworven vergunningen voor de drie frequentiebanden (700 MHz, 1400 MHz en 2100 MHz) die geveild werden. De veiling bracht ruim 1,23 miljard euro op.

Frequenties voor 5G

De Multibandveiling wordt vaak de ‘5G-veiling’ genoemd. Tijdens deze veiling werd de eerste van de door de Europese Unie aangewezen frequentiebanden voor 5G geveild, de 700 MHz-band. Naar verwachting wordt een deel van de geveilde frequenties ingezet voor 5G. Omdat de frequenties techniekneutraal vergund worden, kunnen de mobiele operators zelf kiezen welke techniek (2G, 3G, 4G of 5G) ze toepassen.

De veiling van de volgende 5G-frequentie, de 3,5 GHz, staat gepland voor 2022. Voor de 26 GHz-frequentieband is nog niet besloten of, en zo ja wanneer, deze landelijk geveild gaat worden.

Dekkingseis en snelheidsverplichting

Aan de vergunningen van de 700 MHz-band zijn een dekkingseis en snelheidsverplichting verbonden. Binnen twee jaar na vergunningverlening, in 2022, moeten de mobiele operators op ten minste 98% van de oppervlakte van elke Nederlandse gemeente buitenshuis mobiele dekking verzorgen met een minimumsnelheid van 8 Megabit per seconde (Mbps). In 2026 moet deze minimumsnelheid 10 Mbps zijn.

Ingang vergunningen

Agentschap Telecom zal de vergunningen zo snel mogelijk verlenen en publiceren in de Staatscourant. De vergunningen in de 700 MHz- en de 1400 MHz-band gaan direct in. De vergunningen in de 2100 MHz-band gaan begin 2021 in, nadat de huidige vergunningen op die frequentieband afgelopen zijn.

Bron: antennebureau

Nederland nog steeds niet duidelijk en transparant over gebruik Chinese netwerk apparatuur

In steeds meer Europese landen nemen overheden duidelijk stelling in ten aanzien van netwerkapparatuur van Chinese oorsprong, behalve in Nederland. Alle drie de Nederlandse operators hebben in meer of mindere mate Chinese netwerkapparatuur in hun netwerk, maar onduidelijk is of dit zo kan blijven in de toekomst. Telecombedrijven klagen over het gebrek aan transparantie.

Al meer dan een half jaar geleden creëerde het kabinet via een algemene maatregel van bestuur voor zichzelf de mogelijkheid om telecombedrijven te kunnen dwingen apparatuur van ‘leveranciers die onder invloed staan van kwaadwillende partijen’ te weren. Maar zeven maanden later weten de Nederlandse telecombedrijven nog niet waar ze in de praktijk aan toe zijn, blijkt uit navraag, zo tekent het FD op.

In Nederland is het beleid met betrekking tot Chinese netwerkleveranciers bestempeld als ‘staatsgeheim’. Daardoor mogen en kunnen telecombedrijven, die de inhoud van het dossier kennen, er niets over in het openbaar zeggen. Toch blijkt volgens ingewijden dat er nog steeds geen duidelijk beleid is met betrekking tot het wel- of niet mogen gebruiken van Chinese netwerkapparatuur. Nu alle drie de Nederlandse mobiele aanbieders bezig zijn met de uitrol van 5G-netwerken, heeft een eventueel besluit om Chinese netwerkleveranciers te weren een impact die iedere maand dat deze langer op zich laat wachten groter wordt.

Bron: telecompaper

Leidraad ACM geeft handvatten voor samenwerking telecomaanbieders bij uitrol van mobiele netwerken

Goedwerkende mobiele diensten zijn cruciaal voor Nederland. Het dataverbruik is in 2019 met meer dan 30% gestegen ten opzichte van 2018 en meer dan vertienvoudigd vergeleken met vijf jaar geleden. Deze groei zet de komende jaren door. Ook is het belangrijk dat mobiele dekking betrouwbaarder wordt en overal in Nederland een goede kwaliteit heeft. Dit zorgt ervoor dat telecomaanbieders investeren in het vergroten van de capaciteit, kwaliteit en dekking van de mobiele netwerken.

Samenwerking tussen telecomaanbieders kan er aan bijdragen dat deze investeringen op een verantwoorde wijze worden gedaan. Dat mag niet ten koste gaan van de onderlinge concurrentie. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) consulteert een conceptleidraad met handvatten hoe telecomaanbieders kunnen samenwerken om op efficiënte wijze te investeren in capaciteit, kwaliteit en dekking van de mobiele netwerken.

Antennelocaties verwerven

Het wordt voor telecomaanbieders steeds moeilijker om antennelocaties te vinden. Dat komt door de groei van het aantal mobiele antennes en de afnemende beschikbaarheid van locaties. Dan kan het helpen als aanbieders niet onafhankelijk van elkaar op zoek zijn naar de schaarse locaties, maar hierbij samenwerken. De ACM verwacht niet dat de concurrentie tussen aanbieders in gevaar komt wanneer aanbieders gezamenlijk optrekken bij het vinden van antennelocaties. Doordat aanbieders op de locaties hun eigen telecomapparatuur gebruiken, kunnen zij zich nog steeds onderscheiden van de andere aanbieders.

Huur en verhuur van spectrum

In de nieuwe Telecommunicatiewet wordt de mogelijkheid gecreëerd om spectrum (frequenties voor mobiel dataverkeer) te huren en te verhuren. Verhuur van frequenties aan bijvoorbeeld een aanbieder van lokale bedrijfsnetwerken kan zorgen voor nieuwe diensten en extra concurrentie. Vanaf de komende frequentieveiling (die start op 29 juni a.s.) wordt een bovengrens gehanteerd voor de maximale hoeveelheid frequenties die één aanbieder kan gebruiken. De ACM is van oordeel dat deze bovengrens er veruit in de meeste gevallen voor zorgt dat de concurrentie niet in gevaar komt.

Roaming op 2G- of 3G-netwerken

In de komende jaren gaan de Nederlandse telecomaanbieders hun 2G- of 3G-netwerken uitzetten. Dit kan gevolgen hebben voor diensten die afhankelijk zijn van deze netwerken, zoals slimme energiemeters of oudere mobiele telefoons. Als een aanbieder die een 2G- of 3G-netwerk uitschakelt via roaming gebruik kan maken van het netwerk van een andere aanbieder die nog wel 2G of 3G aanbiedt, kan er zo voor gezorgd worden dat 2G en 3G langer beschikbaar blijft voor apparaten die daarvan afhankelijk zijn.

Bron: acm

EU start laatste fase van 5G PPP-onderzoeken

De EU start in september met 11 nieuwe 5G-onderzoeksprojecten, met financiële steun uit het O&O-budget van Horizon 2020. Het betreft drie grensoverschrijdende projecten in de transport- en mobiliteitssector en acht projecten op het gebied van 5G-hardware-innovatie.

De projecten zijn besproken tijdens de recente Europese conferentie over netwerken en communicatie (EuCNC). Dit was een virtuele conferentie met themasessies over 5G-cyberbeveiliging, open RAN en 5G voor verticale sectoren.

De projecten die in september starten, vormen de laatste fase van de EU-5G PPP programma’s om nieuwe technologie te ontwikkelen. In totaal investeert de EU meer dan EUR 400 miljoen in 5G-PPP-projecten, terwijl er in de 5G-proeven nog eens EUR 1 miljard aan particuliere investeringen zit.

Grensoverschrijdende projecten ook in Benelux

De drie grensoverschrijdende 5G-projecten zullen plaatsvinden in het Baltische en Noordzeegebied, rond de Pyreneeën en in de Benelux rond de havens van Antwerpen en Rotterdam. De projecten ontwerpen, testen en valideren use cases op het gebied van mobiliteit en transport, waarbij gekeken wordt naar toepassingen voor wegen, treinen, havens en maritieme routes.

Elk project zal een 5G-netwerkinfrastructuur bieden die zowel multi-service- als multi-applicatiefuncties biedt voor gevarieerde transportmiddelen en verbeterde connectiviteit voor openbare gebruikers.

De projecten brengen een breed scala aan partijen samen: telecomoperatoren en -aanbieders, wegexploitanten, spoorweginfrastructuurbeheerders, transport- en logistieke bedrijven, voertuigfabrikanten en hun leveranciers van uitrusting, fabrikanten van spoorwegapparatuur, innovatieve mkb-bedrijven en openbare en particuliere onderzoekscentra. Verder is er deelname van transportautoriteiten en ondersteuning van nationale en regionale nationale overheden.

Hun gezamenlijke budget bedraagt EUR 41 miljoen, waarvan EUR 31,1 miljoen aan EU-financiering in het kader van het Horizon 2020-programma.

Opbouw Europese toeleveringsketen

De acht 5G-hardware-innovatieprojecten moeten helpen bij de opbouw van een Europese industriële toeleveringsketen voor core 5G-technologieën en hardware, met name voor netwerktechnologieën en -systemen. de projecten moeten verder marktkansen creëren en de opkomst van nieuwe innovatieve marktspelers ondersteunen.

Innovatie moet gestimuleerd worden in veelbelovende verticale gebruiksscenario’s zoals contentbeheer, gecoördineerde platooning van auto-mobiliteit, niet-openbare netwerken, data-ecosystemen en ultrahoge datasnelheden (met gebruik van de THz-frequenties). Verder worden nieuwe zakelijke benaderingen onderzocht op gebieden zoals open RAN, uitgesplitste systemen, edge-netwerken en neutrale hostconcepten.

Dit jaar zal in het kader van het laatste werkprogramma van Horizon 2020 een nieuwe golf van projecten ter waarde van ongeveer EUR 100 miljoen worden gelanceerd. De laatste twee oproepen worden in juni afgesloten en hebben betrekking op 5G-software-innovatie en meer toekomstgerichte projecten (‘Beyond-5G’).

Bron: telecompaper

Multibandveiling krijgt drie deelnemers en drie winnaars

De Multibandveiling begint op 29 juni met drie deelnemers en eindigt korte tijd later met drie winnaars. Het is, zeker zonder nieuwkomers zoals Tele2 in 2012, een voorspelbaar scenario. Een strijd om spectrum ligt niet voor de hand. Het aantal van drie deelnemers is een logische veronderstelling.

Ten eerste omdat alle drie de MNO’s hebben gezegd dat ze mee doen. Ze hebben eerst hun inschrijving gemeld, en vervolgens hun toelating tot de Multibandveiling.

Ten tweede is maximaal drie deelnemers logisch omdat het spectrum niet geschikt is voor nieuwkomers. Anders dan in 2012 ligt er dit keer geen reservering klaar voor een nieuwe partij. Daarnaast zou een nieuwkomer nog moeten beginnen met de uitrol van een eigen netwerk en dat is een onneembare hindernis.

In deze veiling komen drie verschillende frequentiebanden aan bod. KPN, T-Mobile en Vodafone kunnen de 700 MHz-band verdelen in drie gelijke vergunningen van 2 x 10 MHz. Iets anders wordt zelfs door het ministerie van EZK niet verwacht of wenselijk geacht. Bij de verdeling van de 1400 MHz frequenties lijken KPN en Vodafone meer kans te maken dan T-Mobile. De 2100 MHz band is op dit moment gelijk verdeeld over de MNO’s en het is het meest waarschijnlijk dat dat zo blijft.
KPN heeft op dit moment het minste spectrum in handen, T-Mobile het meest, met de Tele2 vergunningen erbij. Mogelijk besluit KPN dat het zijn achterstand wat wil verkleinen, maar dan zal het wel moeten opbieden tegen de andere twee.

Bron: telecompaper

Keijzer en Grapperhaus beantwoorden kamervragen over zendmastbranden

Staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken en Klimaat en minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid hebben drie sets aan kamervragen beantwoord rondom de diverse zendmastbranden die de afgelopen tijd hebben plaatsgevonden. Keijzer en Grapperhaus noemen de zendmastbranden ‘onacceptabel’. Brandstichting brengt naast de economische schade ook evident risico’s met zich mee voor personen, wanneer de kans bestaat dat de brand overslaat van de zendmast of antenne-installatie naar omliggende bebouwing. Verder ontstaan aanzienlijke risico’s voor de telefonische bereikbaarheid van personen in de omgeving van de antenne alsmede de bereikbaarheid van het alarmnummer 112. Volgens Keijzer en Grapperhaus heeft ten minste één brand heeft mogelijk impact gehad op de bereikbaarheid van 112. Deze situatie heeft voor zover bekend niet geleid tot persoonlijke
ongevallen.

De afgelopen weken hebben er verschillende incidenten plaats gevonden rondom zendmasten in Nederland. De incidenten variëren van sabotage tot brandstichting. Ook in andere Europese landen vinden brandstichtingen en sabotageacties plaats. Protesten tegen zendmasten en zorgen van burgers om straling zijn niet nieuw, maar het heeft nog niet eerder geleid tot extremistische protestacties in de vorm van de sabotage en brandstichting zoals in de afgelopen weken. Door de er anti-5G- en anti-overheidsbewegingen doen verschillende complottheorieën de ronde, onder andere over een veronderstelde relatie tussen 5G-netwerken en de verspreiding van het coronavirus. Het is voorstelbaar dat het plotselinge geweld mede is geïnstigeerd door complotdenkers met als doel de Nederlandse bevolking te ‘beschermen’ tegen de – in hun ogen gevaarlijke – overheid. Mogelijk spelen verveling en frustratie gekoppeld aan gedwongen thuiszitten een rol. De politie doet onderzoek naar de verdachten en hun motieven. Of en in hoeverre er een verband is met soortgelijke brandstichtingen in het buitenland is onderwerp van het lopende onderzoek.

Beveiliging zendmasten
Omdat brandstichting in zendmasten tot enkele weken geleden niet in Nederland voorkwam zijn zendmasten hier tot heden niet specifiek tegen beveiligd, zo schrijven Keijzer en Grapperhaus aan de kamer. Bovendien staan zendmasten in het buitengebied afgelegen. De eigenaren van de betreffende grond, zendmasten en (telecom)infrastructuur zijn primair verantwoordelijk voor de beveiliging. Dit kan soms een exploitant van masten zijn, en soms de mobiele operator zelf.
Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) staat naar eigen zeggen in nauw overleg met de sector, het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) en de Landelijke Eenheid van de politie om te bezien in hoeverre aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn.

Beveiliging C2000-netwerk en andere vitale infrastructuur
De afgelopen weken is ook brand gesticht bij C2000-antennes. Het C2000-netwerk wordt door hulpdiensten gebruikt als eigen communicatienetwerk. De C2000-masten zullen wel extra beveiligd worden, zo heeft Grapperhaus aangekondigd. Vanuit veiligheidsoogpunt gaat Grapperhaus niet in op de beveiligingsmaatregelen, maar de maatregelen hebben volgens Grapperhaus zowel een preventieve als repressieve werking. De meest kritische masten zullen eerst beveiligd worden. Het kost volgens Grapperhaus naar verwachting ongeveer drie maanden om alle masten te beveiligen.

Bron: telecompaper

Gemeenten vinden het plaatsingsbeleid van 5G-masten te dwingend: ‘Wij moeten de regie terugpakken’

Supersnel internet door 5G, gemeenten in Nederland zien kansen en willen het graag. Maar wel willen ze in de uitvoering graag zelf de regie hebben. Ze zijn bang met de kosten te worden opgezadeld en vrezen een verstoring van het straatbeeld.
Het is inmiddels een rijdende trein, de invoering van het 5G-netwerk. Binnenkort worden de eerste frequenties geveild. Het is voor gemeenten lastig om zelf nog keuzes te maken, ziet Franc Weerwind. Hij spreekt namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en is burgemeester van de stad Almere. “Wij moeten de regie terugpakken. Het hele antennebeleid stelt overheden verplicht om mee te werken. Het gaat er nu om goede afspraken te maken.”

Praktische vragen
Gemeenten op zowel het platteland als in de grote steden zijn bezorgd over de invoering van het 5G-netwerk. Ze vinden dat ze niet genoeg worden gesteund door het Rijk. Niet alleen komen er veel vragen op hen af van inwoners over hun gezondheid, ‘zijn die nieuwe masten die erbij moeten niet schadelijk en kankerverwekkend?’, ook zitten gemeenten met allerlei praktische vragen.
Behouden ze bijvoorbeeld wel de invloed op de inrichting van hun eigen omgeving met de nieuwe masten? En wat moet het kosten om die masten op stadsmeubilair zoals lantaarnpalen of bushokjes te hijsen? Regie en zeggenschap houden over hoe en waar de vele antennes geplaatst moeten worden, is daarom erg belangrijk. “Hoe krijg je een gemeente geïnformeerd over antennebeleid en kun je mensen geruststellen over hun gezondheid?”, vraagt burgemeester Weerwind zich af. “Juridisch formeel hebben de techneuten het in de gemeente voor het zeggen.”
Hebben we wel invloed?
“We hebben verschillende uitdagingen wat betreft de aanleg van een 5G netwerk”, ziet ook Ger Baron. Hij is innovatiedirecteur bij de Gemeente Amsterdam. “Met steeds meer inwoners in onze gemeente is er een groeiende behoefte aan communicatie en antennes.”
Volgens Baron beginnen de problemen pas goed na de tweede veiling, wanneer de 3,5GHz frequentie wordt geveild. “Voor de frequenties van de eerste veiling zijn maar 10 procent nieuwe masten nodig voor het hele land.” Pas bij de tweede veiling, als de hogere frequenties aan bod komen, moeten er veel masten bij worden geplaatst. “Vanaf 2022 moeten er duizenden small cells bij. Dat zijn kleine masten die dicht op elkaar moeten staan.”
info

Aan het begin van deze zomer worden de eerste, lagere 5G-frequenties geveild, over ongeveer twee jaar komen de hogere frequenties aan de beurt. Voor de lagere frequenties zijn slechts een beperkt aantal nieuwe masten nodig. De hogere frequenties hebben een kleiner bereik, dus daarvoor zijn vele duizenden nieuwe, kleine masten nodig, de zogenaamde small cells.

Volgens de nieuwe Telecomwet moeten overheden kleine antennes op openbare gebouwen en straatmeubilair toestaan en mogen ze daar alleen bezwaar tegen maken als ze een goede reden hebben. Gemeenten zijn momenteel met staatssecretaris Mona Keijzer in gesprek over de mate van regie op de inrichting van 5G-apparatuur.

Lantaarnpalen, gebouwen en bruggen
Het dilemma waarin gemeenten verkeren is dat ze enerzijds graag in de behoefte willen voorzien en duidelijk de voordelen zien, maar anderzijds tegen de nodige vragen aanlopen. Waar plaats je bijvoorbeeld die zogenaamde small cell-antennes ‘zonder het stadsgezicht te verpesten en hebben we daar nog wel invloed op?’ Het is een van de vele vragen die bij Baron leeft.
“We kunnen die small cells op bestaand stadsmeubilair zetten”, zegt Baron. “Dat zijn lantaarnpalen, gebouwen, bruggen en trams. De vraag is of dit zomaar kan. Je gaat iets op een lantaarn zetten die er niet voor gebouwd is. Wat als de stroom eraf gaat? Bij ons in Amsterdam gaat de paal overdag uit, het netwerk dus ook? Wat als zo’n paal kapot gaat? Wie betaalt dat? Als we zendmasten op overheidsdaken zetten, wie krijg dan de sleutels voor het gebouw voor onderhoud? Je moet er wel 24 uur per dag bij kunnen.”

Bron: eenvandaag.avrotros.nl

‘Telecom belangrijk bij coronacrisis’

De ministers van de landen van de EU hebben op 5 mei (per video) overlegd over de rol van telecommunicatie tijdens de coronacrisis. Bij de meeting onder het Kroatische voorzitterschap van de EU zaten ook de eurocommissarissen Margarethe Vestager voor Mededinging en Digitaal en Thierry Breton, voor Interne Markt.
De ministers bespraken het gebruik van mobiele applicaties en mobiliteitsgegevens om de COVID-19-crisis te bestrijden. Ze benadrukten de noodzaak van een gecoördineerde aanpak op EU-niveau en benadrukten dat de toepassingen voor contactopsporing belangrijk zullen zijn voor de geleidelijke versoepeling van maatregelen.
De ministers bespraken ook de rol van de digitale sector in het herstel na COVID-19 en over maatregelen om investeringen in de uitrol van nieuwe digitale infrastructuur te stimuleren. Zij onderstreepten dat de digitale sector een sleutelrol speelt bij de bestrijding van de pandemie en zeker een even belangrijke rol zal spelen bij het herstel na de pandemie.

Morele steun tegen brandstichtingen
RTL Nieuws meldt dat staatssecretaris Mona Keijzer steun kreeg van EU-collega’s voor haar oproep zich nadrukkelijk uit te spreken tegen mensen die zendmasten in brand steken. In Nederland zijn de meeste aanslagen op mobiele sites gepleegd, maar in zeker zes andere landen van de EU zijn ook gevallen gemeld. De Nederlandse regering geeft informatie over mobiele netwerken en probeert desinformatie tegen te gaan. Een pan-Europese voorlichtingscampagne werd dinsdag niet besproken.

Bron: telecompaper