Categorie archief: Rendement op uw antenne-portefeuille

Overheid denkt niet dat bomen wijken voor 5G-antennes

De overheid denkt niet dat bomen zullen moeten wijken voor de uitrol van 5G. Dat schrijft het ministerie van EZK in antwoord op Kamervragen van de Partij voor de Dieren over de uitrol van 5G. Die vraagt of er scenario’s zijn waarin bomen in de weg staan.

PvdD vraagt naar de verwachte aantallen antennes en de impact op de leefomgeving, mens en dier. Ook het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), de minister voor Medische Zorg en Sport en de minister voor Milieu en Wonen hebben een bijdrage geleverd aan de beantwoording van deze Kamervragen.
Zoals bekend wil de overheid medio 2020 de 700 MHz-vergunningen uitreiken en rond 2022 ook die voor 3,5 GHz voor mobiele communicatie. De mobiele operators hebben antennes nodig voor die frequenties. Het samenwerkingsverband van telecomproviders, Monet, heeft becijferd wat zij verwachten aan toename aan antennes door de uitrol van 5G. Deze toename is 10 procent; dat zijn ongeveer 4.500 extra antennes (en ongeveer 1.500 antenne-opstelpunten). Daarnaast verwachten de operators in beperkte mate kleine antennes (small cells) in de komende 3 tot 5 jaar.
Het staat niet ter discussie dat bomen en planten een obstakel vormen voor mobiele frequenties. Bomen en bossen worden beschermd door landelijk beleid. Buiten de bebouwde kom zijn kapvergunningen een zaak van de provincie of van het Rijk. Binnen de bebouwde kom maakt de gemeente een omgevingsplan met ‘kapcontouren’. De Omgevingswet, gepland vanaf 2021, bevat dezelfde regels als nu. Alle aanvragen voor (nieuwe) mobiele antennes worden beoordeeld aan die regels.

Stralingsnormen en EMV
PvdD vraagt naar stralingsnormen en onderzoek naar de effecten van elektromagnetische velden (EMV) op de gezondheid. Het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid (Kennisplatform EMV) geeft aan dat er in alle onderzoeken geen bewijs is dat langdurige blootstelling aan elektromagnetische velden onder de blootstellingslimieten schadelijk is voor de gezondheid.
De huidige blootstellingslimieten voor 3G en 4G gelden straks ook voor 5G. EZK meldt dat het Agentschap Telecom de veldsterktes van antennes meet en dat die gewoonlijk een factor 10 of 20 onder de wettelijke norm zitten.

T Infra begint als Nederlandse tower company

T Infra heeft zijn diensten gelanceerd in Nederland. Het bedrijf, een dochteronderneming van Deutsche Telekom, beheert fysieke opstelpunten voor mobiele antennes, zoals op daken van gebouwen. Het bedrijf presenteerde zijn portfolio op het congres Telecom Insights in Utrecht, voor een ‘soft launch’. Het bedrijf bestaat pas kort en is nog aan het bouwen.
T Infra heeft in Nederland ruim 3.000 actieve locaties voor mobiele netwerken en is daarmee de grootste exploitant. Het bedrijf beheert de (ijzeren) masten, onderhandelt met verhuurders over locaties en regelt bij de gemeente de plaatsingen en de vergunningen. Voor planning en analyse werkt het samen met ESRI Nederland.
T Infra beheert geen actieve apparatuur, zoals antennes, radio/baseband en elektra. Die apparatuur is van de operators, met de kanttekening dat die het dagelijkse beheer ook weer uitbesteden.

Vooral T-Mobile-sites
Het grootste deel van de portfolio bestaat uit sites van T-Mobile: de sites die T-Mobile zelf heeft gebouwd, ruim de helft van het totale netwerk. Op andere plekken zit T-Mobile samen met andere operators in multitenant-sites. Zo heeft Novec hoge opstelpunten langs de grote autowegen.
T Infra biedt zijn locaties aan voor andere operators. De komende jaren is er vraag naar verdichting van het netwerk, voor de aanhoudende groei van 4G en de uitrol van 5G. De macronetwerken van de mobiele operators blijven daarin bepalend. T-Infra biedt ook locaties aan voor andere partijen, zoals 5G-verdichting, small cells, 3rd party co-locatie, B2B, Smart City & Smart Industry.

Bron: telecompaper

KPN begonnen met vervanging mobiele sites, apparatuur van Huawei

KPN moderniseert het radionetwerk met apparatuur van Huawei. Na een fase van voorbereidingen is de vervanging echt van start gegaan. De eerste mobiele sites zijn inmiddels omgebouwd naar nieuwe apparatuur, in de regio Den Haag. KPN gaat de huidige apparatuur in heel Nederland vervangen, om de groei van 4G in goede banen te leiden en om 5G te kunnen lanceren.

Per mobiele site wordt alle apparatuur van het dak getakeld en in één keer vervangen, met antennes, radio’s, baseband en voeding/noodstroom. KPN voert een ‘vendor swap’ uit, want het huidige radionetwerk is van Ericsson. Veel sites zijn in 2013 en 2014 neergezet voor de landelijke uitrol van 4G. Deze apparatuur is echter nog niet 5G-ready en moest dus sowieso vervangen worden.
Bij de presentatie van de derde kwartaalcijfers heeft KPN een aantal kenmerken genoemd. De nieuwe apparatuur verwerkt zes tot acht banden per antenne, met meer capaciteit tegen lagere operationele kosten. 95 procent van de sites wordt aangesloten op glasvezel, met een backhaul van 10 Gbps (wat voorlopig genoeg is, maar kan worden vergroot). Voor de 3,5 GHz frequenties wordt een aparte M-MIMO antenne bijgeplaatst, maar die band is ook nog niet beschikbaar. Dat wordt waarschijnlijk niet eerder dan eind 2022.

Huawei in april genoemd
KPN heeft in april de keuze voor Huawei naar buiten gebracht, vertelt een woordvoerder. KPN heeft een langdurig selectieproces gehouden en verschillende leveranciers bekeken. Huawei heeft volgens KPN de beste apparatuur met de grootste capaciteit en de beste prijs-kwaliteitverhouding.
Op dat moment was al lang bekend dat de overheid werkt aan wetgeving voor de beveiliging van 5G-netwerken. KPN heeft daarop geanticipeerd: het mobiele radionetwerk komt van Huawei, maar het mobiele core-netwerk niet. Dat komt van een westerse leverancier. Welke dat is, heeft KPN nog niet bekendgemaakt.
Daarnaast zal KPN nog andere maatregelen nemen, maar een groot deel daarvan is cybersecurity-vertrouwelijk. Begin juli heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid het beleid voor de beveiliging van 5G gepresenteerd. Dat beleid wordt op dit moment uitgewerkt in een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Die wordt in 2020 verwacht.

KPN voert multivendor-beleid
KPN zal zich houden aan die regels en ziet dus nu al geen beletsel voor de keuze van een Huawei radionetwerk. En ook niet alleen in het RAN. KPN heeft enkele jaren geleden het vaste core netwerk en het transportnetwerk vernieuwd met Huawei en OSS/BSS vervangen. Het vaste aansluitnetwerk bevat veel Nokia (Alcatel-Lucent), zowel voor het huidige netwerk als voor het nieuwe GPON.
T-Mobile wilde niet inhoudelijk reageren op vragen over zijn mobiele netwerk. Het merk gebruikt apparatuur van Huawei, zowel in Radio als in Mobiele Core. VodafoneZiggo heeft een radionetwerk en een mobiel core-netwerk van Ericsson.

Bron: telecompaper

Deutsche Telekom speculeert weer over verkoop T-Mobile NL

Deutche Telekom gaat mogelijk de verkoopplannen voor T-Mobile Nederland uit de mottenballen halen. De Nederlandse dochter wordt in 2020 mogelijk naar de beurs gebracht of verkocht. Volgens het Duitse zakenblad Manager Magazin wil DT een aantal bedrijfsonderdelen in de etalage zetten om geld in kas te krijgen. Het tijdschrift baseert zich voor zijn informatie op ingewijden. In 2014 en 2015 waren er ook hardnekkige geruchten over een verkoop van T-Mobile NL.

Manager Magazin stelt dat de verkoop van T-Mobile Nederland – sinds begin dit jaar samengegaan met Tele2 NL – de meest veelbelovende optie is om de kas te spekken. De Nederlandse dochter zou ‘strategisch irrelevant’ zijn omdat het in Nederland vooral bekendstaat om zijn mobiele abonnementen (5,1 mln postpaid, 600.000 prepaid). Ook met Tele2 erbij heeft T-Mobile veel minder abonnees op vaste diensten (circa 600.000). Deutche Telekom wil vooral een vast-mobiele operator worden.

T-Mobile NL wil vast-mobiele speler worden
Overigens wil T-Mobile de komende jaren vaste diensten (Uit & Thuis) op glasvezel uitrollen naar 2,2 miljoen huishoudens in 2021. Het multi-play aanbod Uit & Thuis (vast en mobiel samen) werd eind oktober 2019 geïntroduceerd. In Den Haag is T-Mobile al bezig met glasvezel-dienstverlening. Via de netwerken van KPN en Ziggo moeten de voornoemde 2,2 miljoen huishoudens bereikt gaan worden.
Deutsche Telekom heeft 75 procent van T-Mobile Nederland in bezit, de rest is sinds de fusie van T-Mobile NL en Tele2 NL in handen van de Tele2 Groep. Behalve over T-Mobile Nederland denkt DT na over de toekomst van zijn minderheidsbelang in antennemastenbeheerder Deutsche Funkturm. Dat zou zo’n 9 miljard euro waard zijn. Hoeveel T-Mobile Nederland zou moeten opbrengen is niet bekend.

Eerdere verkoopplannen
In december 2015 schrapte Deutsche Telekom eerdere verkoopplannen voor T-Mobile Nederland. Er zou tijd genomen worden om meerdere scenario’s te onderzoeken. Sindsdien werd over een verkoop niet meer gesproken, tot nu.

Bron: telecompaper

Duitse overheid investeert EUR 1,1 miljard in rurale mobiele dekking

De Duitse regering heeft een aantal punten opgesteld om haar mobiele netwerkstrategie te bepalen. Het plan voorziet tot 2024 onder andere in een investering van EUR 1,1 miljard om mobiele netwerkdekking van zogenoemde witte vlekken te verzorgen. Dat vertelde de staatssecretaris van het Federale Ministerie van Transport en Digitale Infrastructuur Steffen Bilger aan de Stuttgarter Zeitung.

De overheid is van plan om 5.000 mobiele zendmasten te laten bouwen door een openbaar infrastructuurbedrijf. Dit volgt op een eerdere besluit van de Duitse overheid om op plekken die voor de commerciële providers niet rendabel zijn een publiek netwerk uit te rollen. Die landelijke, publieke, MNO komt er niet, maar wel een publiek netwerk in de betreffende onrendabele gebieden. De commerciële providers kunnen vervolgens, tegen betaling, gebruik maken van het publieke netwerk om hun eigen netwerkdekking in die gebieden te verbeteren.

Strengere dekkingsverplichting voor providers
Tegenover het ochtendprogramma Moma verklaarde Kanzleramtminister Helge Braun dat de mobiele dekkingsgraad in Duitsland momenteel rond de 93 procent ligt. De vele witte plekken, met name in rurale gebieden, wijt hij aan falende regels en afspraken met betrekking tot de dekkingsverplichting die ten tijde van de 3G (UMTS) veiling ingesteld zijn.

Bij de 5G-frequentieveiling zijn de leveringsvoorwaarden voor providers verscherpt, zo vervolgde Braun. Providers die 5G-licenties hebben verworven, worden nu verplicht om een mobiel netwerk een dekkingsgraad van 99 procent te leveren. “De resterende 1 procent zal gerealiseerd worden door de investering vanuit de overheid”, daarmee doelend op het besluit om 5000 publieke zendmasten te bouwen.

Publieke infrastructuur
Het publieke infrastructuurbedrijf zal subsidies ontvangen van de staat ter waarde van EUR 5 miljoen om volgend jaar vanaf Q3 te kunnen functioneren, zo meldt Wiwo.de. Het bedrijf wordt een dochteronderneming van Toll Collect dat nu verantwoordelijk is voor de tolheffing voor vrachtverkeer op de Duitse (snel)wegen en een eigen raad van toezicht heeft. Een adviesraad, gevormd door vertegenwoordigers van de overheid, federale staten en gemeenten zal het werk van de openbare onderneming ondersteunen.
Daarnaast wil de regering de komende jaren een communicatiecampagne lanceren om de publieke steun voor de bouw van mobiele masten te bevorderen. Het doel van de campagne is om “transparante en neutrale” informatie te geven over de ontwikkelingen in mobiele communicatie en een diepgaande dialoog met het publiek aan te gaan.

Momenteel heeft Duitsland 74.000 mobiele sites nodig.
Een ander probleem dat de Duitse overheid aan wil pakken, is de goedkeuringsperiode voor het bouwen van mobiele sites. Momenteel kost dat gemiddeld 18 maanden. Vorige week kondigden Deutsche Telekom, Telefonica en Vodafone een partnerschap aan om 6000 mobiele sites te bouwen om de breedbanddekking te verbeteren.

Bron: telecompaper

Grapperhaus: mobiel breedband beoogd opvolger C2000

De opvolger van het vertraagde, nog op te leveren C2000-netwerk zal waarschijnlijk gebaseerd worden op mobiel breedband. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van de antenne-infrastructuur van mobiele operators. Dat stelt minister Grapperhaus (Justitie & Veiligheid) in een brief aan de Tweede Kamer.
De minister schrijft in de brief over de uitkomsten van een in april beloofde verkenning naar een mogelijke opvolger van het C2000-spraaknetwerk. De aanleiding van de verkenning was het advies van de AIVD om over te gaan naar een oplossing waarbij de afhankelijkheid van landen met een offensief cyberprogramma gericht tegen Nederlandse belangen is geminimaliseerd.

Onrust over Chinese leveranciers
Hoewel Grapperhaus geen namen noemt, is duidelijk dat het ook om China gaat, waar C2000-leverancier Hytera vandaan komt. De afgelopen anderhalf jaar is er politieke en maatschappelijke onrust ontstaan over verwevenheid tussen Chinese leveranciers van netwerktechnologie en de Chinese overheid. Er bestaat onder meer vrees voor Chinese spionage en hack-pogingen via achterdeurtjes in netwerkapparatuur van leveranciers zoals Hytera en Huawei.
Grapperhaus zei in juni al in de Tweede Kamer dat er wordt gekeken naar ‘een nieuw nieuw netwerk’. Binnen vijf jaar moet dat ‘nieuwe nieuwe net’ er staan. dat betekent dat het vertraagde C2000-netwerk op basis van apparatuur van het Chinese Hytera niet langer dan vijf jaar zal functioneren. Op advies van de AIVD werkt Justitie sindsdien aan een traject van specificatie, aanbesteding en realisatie voor een communicatiesysteem dat niet of minder draait op het Chinese Hytera. Dat leidt tot versnelde afschrijvingen en hogere kosten.

Mobiel breedband voor missiekritieke communicatie
De minister wijst op voorbeelden van andere landen waar gekozen wordt voor bestaande mobiele breedbandnetwerken voor missiekritieke communicatie van hulpdiensten (in Nederland: Politie, Brandweer, Ambulancediensten en Koninklijke Marechaussee).
‘Een internationale vergelijking laat zien dat meerdere landen kiezen voor mobiel breedband als drager voor missiekritieke communicatie. Landen als het Verenigd Koninkrijk en Finland zijn in een vergevorderd stadium van het vervangen van hun bestaande (TETRA-gebaseerde) systemen door een systeem gebaseerd op mobiel breedband waarbij gebruikt wordt gemaakt van het antennenetwerk van mobiele netwerkoperators.
Volgens Grapperhaus levert overleg met de operationele partijen over de uitgangspunten en randvoorwaarden waaraan een nieuw systeem dient te voldoen op, dat zo’n systeem gebaseerd op mobiel breedband op dit moment het meest aansluit bij de toekomstige wensen van de gebruikers.

Logische vervolgstap
‘Alles overziend ben ik van oordeel dat het nader uitwerken van de contouren van een nieuw systeem waarbij de (missiekritische) communicatie verloopt via mobiel breedband een logische vervolgstap is in het kader van deze verkenning.’ Een haalbaarheidsonderzoek de komende maanden moet de voor- en nadelen van verschillende modellen voor missiekritieke communicatie gebaseerd op mobiel breedband in beeld brengen. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met de huidige situatie.
Een soortgelijke risicoanalyse is eerder ook gemaakt in het kader van het 5G-traject, onder meer bedoeld voor het aanvullen van een visie hierop van de Europese Commissie. In het haalbaarheidsonderzoek zal daarnaast aandacht zijn voor financiën, besturing en bruikbaarheid, (cyber)veiligheid, technische implicaties en juridische- en wetstechnische consequenties van een overstap naar een systeem gebaseerd op mobiel breedband.

Vijf jaar voor nieuw C2000
Grapperhaus herhaalt dat het een jaar of vijf zal duren voordat een nieuw C2000 actief kan worden. Ervaringen in het Verenigd Koninkrijk en Finland laten zien dat het om een meerjarig en langlopend traject gaat. De inzet van het haalbaarheidsonderzoek is om tevens meer inzicht te verschaffen in de duur van het traject.
In de zomer van 2020 hoopt Grapperhaus met nieuwe inzichten te komen op basis van onder meer het haalbaarheidsonderzoek.

Bron: telecompaper

Uitfasering luchtalarm tenminste een jaar uitgesteld

Minister Grapperhaus heeft besloten de uitfasering van het luchtalarm met één jaar uit te stellen. Dat schrijft Grapperhaus in een brief aan de Tweede Kamer. Oorspronkelijk was het de planning dat de sirene per 1 januari 2020 zou verdwijnen en vervangen zou worden door nieuwe instrumenten zoals NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media.

Afgelopen tijd zijn er een aantal incidenten geweest waarbij de nieuwe instrumenten niet optimaal bleken te werken. Naar aanleiding daarvan ontstonden zorgen in de Tweede Kamer. Volgens Grapperhaus moet er voldoende vertrouwen zijn in de robuustheid van de crisiscommunicatiemiddelen. Dat vertrouwen is er volgens Grapperhaus nog niet volledig.

Naast de incidenten waarbij de nieuwe instrumenten nog niet optimaal bleken te werken, meldt Grapperhaus dat de problemen met NL-Alert in de grensstreek door ‘roamingproblematiek’ ook nog steeds niet zijn opgelost. Op het moment dat mobieltjes van Nederlanders in de grensstreek overschakelen op het Belgische- of Duitse mobiele netwerk, ontvangen zij geen NL-Alerts in crisissituaties. Dit komt doordat NL-Alerts alleen door Nederlandse mobiele netwerken worden verspreid naar alle mobieltjes die verbonden zijn met het Nederlandse netwerk.

bron: telecompaper

EZK wil Multibandveiling in mei houden

Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) wil eind mei de lang vertraagde Multibandveiling houden.

Verschillende bronnen melden dat EZK half november de Veilingregeling en de ontwerpvergunningen wil publiceren en consulteren. Na die korte consultatie wordt de regeling definitief gemaakt. Het Agentschap Telecom opent dan de inschrijvingsprocedure en stelt de datum vast dat de veiling werkelijk begint – volgens de planning eind mei. Die ambitie vergt een strakke planning, zonder ruimte voor tegenvallers.

De Multibandveiling omvat 700 MHz, 1400 MHz en 2100 MHz vergunningen. De eerste twee banden zijn dan direct beschikbaar. De 2100-band is al in gebruik en zit in vergunningen met een looptijd tot 31 december volgend jaar. Er is een transitiefase nodig van de oude naar de nieuwe vergunningen, maar waarschijnlijk kan die goed worden voorbereid en snel (een kwestie van weken) worden uitgevoerd.

De drie bestaande MNO’s krijgen de verplichting om in elke gemeente dekking te bieden en een minimale downloadsnelheid te garanderen. Dat mogen ze doen met het LTE-netwerk en andere vergunningen. Mobiele operators moeten hun 4G-netwerk moderniseren en apparatuur vernieuwen om 5G in te zetten. Die upgrades zijn echter ook relevant voor 4G en dus kunnen de investeringen naar voren gehaald worden. Alom wordt verwacht dat de activering en landelijke uitrol met 5G sneller gaat dan met 4G.

Deadline in juni voor 700 MHz
EZ is al in 2016 begonnen met de voorbereidingen op deze veiling, maar heeft door een reeks tegenvallers een reeks deadlines gemist. De tijdsdruk loopt op: de Europese Commissie verplicht dat alle lidstaten voor 30 juni 2020 de 700 MHz-band hebben uitgegeven. Brussel heeft al een formeel onderzoek geopend, omdat Nederland niet op tijd een gedetailleerd stappenplan gereed had.
De Veilingregeling wordt kort geconsulteerd, namelijk zes weken, voordat die definitief wordt gemaakt. Daarna komt een stappenplan, waarin het Agentschap Telecom de inschrijving opent en checkt welke deelnemers worden toegelaten tot de veiling, die dan eind mei moet beginnen. Dit gaat dan in een hoog tempo. Bij de Multibandveiling van 2012 zaten er 52 weken tussen het moment dat de veilingregeling definitief werd en de echte afloop: de ingangsdatum van de nieuwe vergunningen. Staatssecretaris Keijzer heeft eerder gezegd dat dit negen maanden ging kosten. Dat moet nu echter worden verkort naar een maand of drie.

Kans op nieuwe tegenvallers
In dat scenario zitten nog steeds enkele risico’s. Eén daarvan is de behandeling in het parlement. Bij de veilingen van 2010 en 2012 is daar zoals bekend veel tijd in gaan zitten. Keijzer heeft de Tweede Kamer daar ook al voor gewaarschuwd, maar het parlement bepaalt zijn planning. Een ander risico is dat marktpartijen naar de rechter stappen. En: eerder dit jaar bleek dat het ministerie van Financiën verwacht dat de opbrengst van de vergunningen (te) laag uitvalt.

Verder zijn er externe factoren die het voor de mogelijke deelnemers lastig te maken om te bepalen wat hun strategie in deze Multibandveiling is. De operators willen 700 MHz om 5G te lanceren, maar de 3,5 GHz band is waar het voor 5G werkelijk om draait. Over die volgende veiling is nog de nodige onzekerheid. Daarnaast speelt de discussie over de beveiliging van 5G. Als er beperkingen worden gesteld aan de keuze voor Chinese leveranciers, dan kan dat aanzienlijke gevolgen hebben voor de uitrol.

Focus 5G: Elektromagnetische stralingsstandaarden overal onderwerp van discussie

De landelijke demonstratie tegen 5G van maandag 9 september, bestaand uit een protestmars in Den Haag, trok enkele honderden deelnemers. Het duurt nog even voordat 5G in Nederland op commerciële basis en landelijk dekkend aanwezig is en de protesten zijn daarom waarschijnlijk nog kleinschalig. Verwacht mag worden dat dit gaat toenemen als 5G realiteit wordt.
De straling van de nieuwe mobiele technologie wordt door de overheid vanzelfsprekend serieus genomen, zoals dat ook in andere landen gebeurt. De Franse autoriteiten kondigden begin deze maand een marktconsultatie aan over voorgestelde wijzigingen in de ANFR-richtlijnen voor het meten van blootstelling aan elektromagnetische straling op mobiele netwerken. Het doel is om de procedures voor nieuwe 5G-spectrumbanden bij te werken.
De consultatie focust op het gebruik van de 3,4-3,8 GHz band, die op korte termijn wordt opengesteld voor 5G-diensten, en nieuwe technieken als TDD en beamvorming die de mate van blootstelling en meetbaarheid veranderen. De mmWave banden, op 26 GHz en hoger, zullen in een later stadium worden meegenomen.

Poolse toezichthouder wil hogere stralingsnormen
De Poolse toezichthouder pleit juist voor een verhoging van de elektromagnetische stralingsstandaarden, omdat de huidige beperkingen de ontwikkeling van 5G in het land in de weg staan. De Poolse standaard ligt op 0,1 W per vierkante meter, wat veel lager ligt dan in veel andere Europese landen met stralingsnormen van 7 of 8 W per vierkante meter. Als de norm in Polen niet omhoog gaat, dan zou de interesse in de 5G-spectrumveiling wel eens kunnen tegenvallen, zo gaf de president van toezichthouder UKE aan.
Eerder dit jaar werd dit al eens aangekaart, maar tot dusverre zonder verandering in het beleid.
Niet alleen in Polen, ook in België zijn soortgelijke geluiden te horen. De regering van het Brussels gewest krijgt regelmatig kritiek over de lage normen die het hanteert met betrekking tot mobiele stralingen. Ook daar werd al gewaarschuwd voor een achterstand waar het om de toekomst van 5G gaat.

Nieuwe meettechnieken
In april publiceerde de International Electrotechnical Commission (IEC) een technisch rapport dat de blootstelling van mensen aan radiofrequentievelden in de buurt van basisstations evalueert. Daarbij is ook gekeken naar het effect van 5G-basisstations en small cells. Het rapport is bedoeld voor facility managers, gebouweigenaren en overheden en lokale gemeenschappen, die het kunnen gebruiken om hun eigen netwerken en basisstations correct te testen.
In het eerste kwartaal van 2019 mat het Agentschap Telecom op dertien locaties wat de straling bij zendmasten (niet 5G) was. In alle gevallen bleek volgens het Antennebureau dat de straling ver onder de strengste norm (28 V/m, volt per meter) zit.

Zorgen onder Nederlanders onderzocht
Telecompaper ondervroeg eerder dit jaar het publiek hoe het aankijkt tegen mogelijke gezondheidsrisico’s door straling die elektromagnetische velden rondom 5G-antennes kunnen veroorzaken. We ondervroegen via het Consumer Insights-panel ruim 900 respondenten en zagen onder andere dat ruim de helft van de respondenten zich (helemaal) geen zorgen maakt. 27 procent maakt zich een beetje zorgen. 5 procent maakt zich erge zorgen.

5G-straling is onderwerp van discussie tijdens Telecom Insights
Op 28 november organiseert Telecompaper het congres Telecom Insights dat volledig in het teken staat van de impact van 5G in Nederland. In de break-out sessie City wordt ingegaan op het vraagstuk elektromagnetische straling.

Bron: telecompaper

Focus 5G: Vodafone wil 5G network sharing deals in alle markten, Nederlandse operators wachten nog af

Vodafone is in meerdere landen actief de samenwerking aan het zoeken met zijn concurrenten voor wat betreft 5G netwerk sharing. In Spanje heeft het eind april een overeenkomst getekend met Orange. De overeenkomst voorziet in afspraken met betrekking tot het delen van zowel het radiotoegangsnetwerk als backhaul in steden met een bevolking van maximaal 175.000 mensen. De twee partijen hadden al een network sharing overeenkomst voor gemeenten tussen 1.000 en 25.000 mensen. Twee derde van de Spaanse bevolking zal nu worden gedekt door Vodafone en Orange’s gedeelde netwerk.
De overeenkomst met Orange in Spanje is in grote lijnen gelijk aan overeenkomsten die Vodafone in het Verenigd Koninkrijk en Italië sloot met respectievelijk Telefonica en TIM.
In januari van dit jaar maakten Vodafone en Telefonica plannen bekend voor de uitbreiding van hun mobiele site joint venture Cornerstone (CTIL) in het Verenigd Koninkrijk. Met de uitrol van 5G-infrastructuur werden de uitgangspunten van de joint venture vernieuwd. Eind juli kregen de plannen hun definitieve vorm. Binnen de overeenkomst zullen de bedrijven, naast het delen van de masten, tevens gezamenlijk werk maken van de glasvezelconnectiviteit die de mobiele backhaul verzorgt.

Deal met Telecom Italia
In Italië leverden de onderhandelingen met Telecom Italia (TIM) eveneens eind juli een getekende overeenkomst op. TIM en Vodafone tekenden een overeenkomst om hun respectievelijke mobiele toreninfrastructuur samen te voegen en gezamenlijk 5G-netwerken in te zetten in zowel stedelijke als rurale gebieden in heel Italië. Ook voor deze deal geldt dat het een vervolg is op een eerdere overeenkomst, waarbij 5G-technologie efficiënter en goedkoper uitgerold kan worden over een groter geografisch gebied. Net als in het VK en Spanje is de backhaul connectiviteit van de masten via glasvezel in de overeenkomst opgenomen.
Vooralsnog blijft het aantal 5G-samenwerkingsverbanden van Vodafone beperkt tot deze drie, niet toevalling landen waarin voorzichtig een start is gemaakt met 5G. Vodafone Group heeft in het verleden echter te kennen gegeven dat het in alle markten waarin het actief is, network sharing deals wil optuigen. De uitrol van 5G vergt grote inspanningen, helemaal in de grotere landen. Vodafone geeft aan dat het op deze manier veel sneller een geografisch veel groter gebied kan voorzien van 5G-dekking.

Proximus en Orange
De intentieverklaring tussen Proximus en Orange in België laat zien dat dit ook mogelijk is in landen met een kleiner oppervlak (). Beide bedrijven verwachten later dit jaar een network sharing overeenkomst te tekenen. Het delen van de mobiele toegangsnetwerken door Proximus en Orange Belgium zal een snellere en bredere uitrol van 5G in België mogelijk maken, zo stellen beide bedrijven. Daarbij zullen ook de 2G-, 3G- en 4G- technologieën betrokken zijn. Het gedeelde netwerk zal volgens beide bedrijven de dekking verbeteren, met een geconsolideerd aantal mobiele sites dat naar verwachting ongeveer 20% hoger zal liggen in vergelijking met het huidige radiotoegangsnetwerk van elke mobiele aanbieder afzonderlijk. In Nederland hebben de operators eerder dit jaar echter laten weten vooralsnog weinig te zien in zo’n vorm van samenwerking.

Bron: telecompaper