Koninklijke KPN N.V. (KPN) en ABP kondigen de afronding aan van de transactie om een nieuwe, open Tower Company te creëren. Na ondertekening op 5 juni 2024 en de goedkeuring van de Autoriteit Consument & Markt op 6 februari 2025 zal de joint venture genaamd “Althio” (www.althio.nl) per vandaag van start gaan.
Deze strategische samenwerking is in lijn met KPN’s ‘Connect, Activate & Grow’-strategie om de waarde van zijn passieve infrastructuur te optimaliseren en strategische flexibiliteit te behouden. Door de oprichting van Althio krijgt KPN meer flexibiliteit over een substantieel deel van zijn mobiele sites, waardoor strategische synergieën mogelijk worden met betrekking tot de implementatie, het onderhoud en de optimalisatie van de netwerkinfrastructuur. Als onderdeel van de transactie zijn enkele van de bestaande huurvoorwaarden gereset. Het toont de intentie van KPN om de aandeelhouderswaarde te optimaliseren en de beste digitale infrastructuur van Nederland te blijven exploiteren.
KPN, als 51% aandeelhouder, consolideert Althio volledig vanaf de sluitingsdatum van de transactie. Als gevolg hiervan verhoogt KPN zijn verwachtingen voor het hele jaar 2025: KPN verwacht nu een aangepaste EBITDA AL van meer dan € 2.600 miljoen en een vrije kasstroom van ongeveer € 920 miljoen, terwijl het de vooruitzichten herhaalt voor een groei van de groepsinkomsten uit diensten van ongeveer 3% en een capex van ongeveer € 1,25 miljard. De netto schuld zal met maximaal € 300 miljoen toenemen, met een pro-forma impact van ongeveer 0,1x op de leverage ratio van KPN, gedreven door de egalisatiebetaling en de impact van de herfinanciering van de Tower Company op basis van een lokale leverage ratio van ongeveer 5x de netto schuld/EBITDA. De leverage ratio van KPN zal naar verwachting binnen de ~2,5x netto schuld/EBITDA-bandbreedte blijven. De geactualiseerde guidance voor 2025 illustreert dat de consolidatie van Althio een bescheiden positieve bijdrage zal leveren aan de toekomstige financiële resultaten van KPN, bovenop de bestaande 3-3-7 financiële ambities zoals gepresenteerd op de Capital Markets Day in 2023.
De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft een besluit genomen in een geschil tussen Vodafone en Aegon over het medegebruik van een antenne-opstelpunt op een woongebouw van Aegon in Alphen aan den Rijn. De ACM oordeelt dat Aegon verplicht is om in te stemmen met medegebruik tegen marktconforme en niet-discriminerende voorwaarden en vergoedingen. Dit is de eerste keer sinds de wijziging van de Telecommunicatiewet dat de ACM haar bevoegdheid gebruikt om dit soort geschillen te beslechten. De ACM vindt het belangrijk dat er voldoende antenne-opstelpunten zijn en blijven om een goede netwerkdekking te waarborgen.
Telecomaanbieders, waaronder Vodafone, maakten al langer gebruik van het dak van het gebouw van Aegon als antenne-opstelpunt, maar Aegon en Vodafone kwamen niet tot overeenstemming over de voorwaarden en vergoedingen voor een nieuwe overeenkomst. De telecomaanbieder is daarop naar de ACM gestapt met het verzoek gebruik te maken van haar bevoegdheid tot geschilbeslechting bij medegebruik, waarover de autoriteit sinds de wijziging van de Telecommunicatiewet op 2 maart 2022 beschikt.
Voorwaarden en vergoedingen
In dit geschil is de ACM tot het oordeel gekomen dat Aegon in dit specfieke geval en op deze specifieke locatie onder de verplichtingingen van de Telecommunicatiewet valt. De ACM heeft in haar besluit vastgesteld hoe de de voorwaarden in een overeenkomst moeten worden uitgewerkt en de hoogte van de jaarlijkse vergoeding bepaald. De voorwaarden en vergoeding waaronder het medegebruik plaatsvindt dienen billijk en niet-discriminerend te zijn. Dit houdt in dat AEGON vergelijkbare en marktconforme voorwaarden en tarieven moet hanteren voor alle partijen die een redelijk verzoek doen voor medegebruik van de faciliteit. De door de ACM vastgestelde jaarlijkse vergoeding – die de toezichthouder in verband met bedrijfsgevoelige informatie niet openbaar maakt – kan jaarlijks aangepast worden op basis van de Consumentenprijsindex. Extra kosten mogen worden doorberekend als ze direct aan het specifieke verzoek toe te rekenen zijn. In het besluit is verder opgenomen welke voorwaarden voor onder andere netwerktechnologie, duur en beëindiging van de overeenkomst, blootstellingslimieten en aansprakelijkheid de ACM in dit specifieke geval redelijk vindt.
Achtergrondinformatie
Om overal te kunnen bellen, internetten en streamen zijn er verspreid over heel Nederland antenne-opstelpunten. Bijvoorbeeld antennemasten langs spoorwegen of snelwegen, maar ook op daken van gebouwen zijn ze te vinden. Op dit moment staan in Nederland ruim 16.000 antenne-installaties voor mobiele communicatie. Nederland behoort tot een van de landen met de beste mobiele netwerken ter wereld. Door de toenemende vraag naar mobiele communicatiediensten neemt ook de vraag naar antenne-opstelpunten toe. De ACM onderschrijft het belang van de beschikbaarheid van voldoende antenne-opstelpunten. Dat is nodig om een goede netwerkdekking, nu en in de toekomst, te waarborgen. Bij lokale problemen kunnen telecomaanbieders een aanvraag tot geschilbeslechting indienen bij de ACM. Dit was het eerste zaak die is aangedragen bij de ACM. Vooralsnog zijn er geen andere aanvragen voor geschilbeslechting over medegebruik van antennte-opstelpunten bij de ACM ingediend.
Op je telefoon in de reisplanner checken hoe laat je trein vertrekt is op treinstation Schiphol regelmatig een flinke uitdaging. De netwerkapparatuur in het ondergrondse treinstation is verouderd en moet vervangen worden. Maar dat gebeurt niet eerder dan volgend jaar.
Het treinstation van Schiphol Airport staat in de top vijf van drukste stations van Nederland. Vorig jaar reisden dagelijks bijna 90.000 mensen van, naar en via het station, blijkt uit cijfers van de NS.
Maar het mobiele netwerk in de Schipholtunnel, waarin het treinstation zich bevindt, is verouderd en heeft capaciteitsproblemen, bevestigt een woordvoerder van Vodafone aan NU.nl. “Daar kunnen treinreizigers in de tunnel en op de perrons last van hebben.”
De capaciteitsproblemen merk je vooral op drukke momenten zoals in de spits. Maar ook als er veel vertragingen of verstoringen in de treindienst zijn. Het is dan bijna onmogelijk bijvoorbeeld reisinformatie te laden in de NS-app. Maar ook andere diensten waarvoor je mobiel internet nodig hebt, werken dan niet of nauwelijks.
De capaciteitsproblemen spelen al geruime tijd en zijn vooral na de coronaperiode zichtbaar geworden. Een oplossing laat nog even op zich wachten.
Problemen duren nog tot minimaal volgend jaar
Door de verouderde apparatuur is in de Schipholtunnel nog geen 5G-dekking beschikbaar. De nieuwe apparatuur zal dit wel ondersteunen, laat Vodafone weten.
Vodafone verwacht de netwerkapparatuur “ergens in 2025” te kunnen vervangen. Maar een exacte datum staat nog niet vast. Het gaat om ingrijpende werkzaamheden waarvoor de treindienst stilgelegd moet worden.
Die werkzaamheden worden daarom gecombineerd met onderhoudswerkzaamheden van ProRail aan de tunnel en het spoor. Vodafone is daardoor afhankelijk van de planning van de spoorbeheerder wanneer het de apparatuur kan vervangen.
Providers werken met elkaar samen in tunnels
De huidige netwerkapparatuur in de Schipholtunnel is van KPN, vertelt een woordvoerder van het bedrijf. Vodafone en Odido maken daar ook gebruik van. Daardoor spelen de problemen op het station van Schiphol bij klanten van alle drie de providers.
KPN kijkt samen met de andere mobiele operators of in de tussentijd de prestaties van het huidige netwerk kunnen worden geoptimaliseerd, laat de provider aan NU.nl weten.
Providers werken in Nederland samen om weg- en spoortunnels van mobiele dekking te voorzien. Alle tunnels in Nederland zijn tussen de drie telecombedrijven verdeeld. “Een van de drie providers bouwt in een tunnel een mobiel netwerk en de andere twee providers pluggen daarop in”, legt een woordvoerder van Odido uit.
Het wordt steeds moeilijker om ruimte te vinden voor antennes voor telefoon- en dataverkeer.
Dat is een probleem, want het mobiele datagebruik in Nederland groeit jaarlijks met zo’n 25%.
Als gevolg van het ruimtegebrek is de dekking in steden zoals Amsterdam niet overal optimaal.
Sandra Olsthoorn en Jeroen Piersma, Amsterdam
De kwaliteit van de drie mobiele telecomnetwerken in Nederland dreigt te verslechteren omdat er te weinig plekken zijn om antennemasten neer te zetten. Het tekort aan opstelpunten leidt ertoe dat KPN, VodafoneZiggo en Odido moeite hebben om de snelle groei van het mobiele dataverkeer op te vangen. In grote steden zoals Amsterdam laat de mobiele dekking nu al her en der te wensen over en valt het bereik soms weg. Dat is een situatie die Nederlanders niet gewend zijn. De drie Nederlandse mobiele netwerken behoren tot de absolute wereldtop. Jaar na jaar scoren zij in internationale vergelijkingen het hoogst op punten zoals dekking en snelheid. Daarmee presteert Nederland beter dan de ons omringende landen. Maar dat is aan het veranderen. Telecombedrijven proberen op dit moment hun netwerken met kunst-en-vliegwerk in de lucht te houden’, zegt Rob Bongenaar. directeur van Monet, de branchevereniging van netwerkaanbieders. Hij is er niet gerust op: ‘Nederland nadert het punt dat het penibel wordt.’ De schaarste aan masten heeft meerdere oorzaken. De eerste is het toenemende dataverkeer. Het mobiele datagebruik van Nederlanders groeit jaarlijks met zo’n 25%. Dat betekent dat de telecomaanbieders meer antennes en dus meer opstelpunten nodig hebben. Tegenover de groeiende vraag staat echter een krimpend aanbod. De belangrijkste reden is dat gemeenten, gebouweigenaren en bewoners steeds terughoudender zijn met het toelaten van masten. Daarbij spelen allerlei motieven: van angst voor straling van bewoners tot de wens van gebouweigenaren om hun daken te vergroenen.
Volgens het Antennebureau staan op dit moment in Nederland 16.037 antenne-installaties opgesteld voor mobiele communicatie. ‘Odido heeft elk jaar zo’n vijftig extra opstelpunten nodig’, zegt Johan van den Branden, chief network officer van het telecombedrijf. Ook moet Odido jaarlijks zo’n honderd bestaande dakinstallaties vervangen omdat het gebouw waar ze op staan wordt afgebroken of omdat de eigenaar bijvoorbeeld zonnepanelen op het dak wil leggen. Het bedrijf maakt nu gebruik van zo’n 5000 opstelpunten in totaal. Het tekort aan opstelpunten heeft gevolgen voor de kwaliteit van de netwerken. ‘Met name in de stedelijke gebieden kunnen we op bepaalde plekken niet de kwaliteit bieden die we zouden willen’, zegt Erik Brands, directeur mobiele netwerken bij KPN. ‘Niemand wil een opstelpunt in zijn achtertuin of op zijn dak’, zegt een telecomadviseur die heeft gewerkt voor een van de drie mobiele aanbieders. ‘Maar Nederlanders zijn wel superverwend en verwachten lage prijzen en de beste kwaliteit.’ De situatie doet enigszins denken aan de windmolendiscussie: de meeste mensen vinden het van belang dat klimaatopwarming wordt gestopt, maar ze willen geen windmolen dicht bij hun huis.
De telecombedrijven wijzen daarnaast met de beschuldigende vinger naar tussenpersonen die namens de gebouweigenaren onderhandelen over contracten voor de masten en antennes. Daarbij gaat het om partijen zoals onder andere Property-Telecom. Volgens de telecombedrijven maken zij gebruik van de krappe markt om prijzen op te drijven. Daarbij hanteren de tussenpersonen harde onderhandelingstechnieken, waarbij soms wordt gedreigd met het opzeggen van de contracten.
De tussenpersonen zien hun rol anders. ‘Vastgoedeigenaren hebben vaak niet zo veel verstand van contracten voor telecommasten’, zegt Huib Verharen, contractbeheerder bij Property-Telecom. ‘In het verleden bepaalde het telecombedrijf de inhoud van het contract. Maar voor de eigenaar kan het beter. Wij zorgen ervoor dat die ook gunstige juridische en financiële voorwaarden krijgt.’ Bij verlenging van een contract stuurt Verharen op een ‘marktconforme huur’. Die kan een stuk hoger liggen dan de huur die vijftien jaar geleden werd vastgesteld.
Het volledige artikel is ook online terug te lezen via financieeldagblad.nl
KPN en pensioenfonds ABP gaan een samenwerking aan op het gebied van acquisitie en beheer van passieve infrastructuur voor mobiele netwerken. Ongeveer 3.800 mobiele zendmasten en daklocaties van KPN, NOVEC en Open Tower Company worden ondergebracht in een nieuwe onderneming en blijven toegankelijk voor de verschillende mobiele operators en andere frequentiegebruikers.
KPN en ABP bouwen al aan de digitale infrastructuur van Nederland door samen te werken bij de uitrol van glasvezel. Deze nieuwe samenwerking ziet toe op de passieve mobiele infrastructuur, die een belangrijk fundament vormt voor het 5G-netwerk dankzij een fijnmazig grid van antenne-opstelpunten zoals zendmasten en daklocaties verspreid over Nederland. Deze locaties bieden ruimte voor mobiele radio- en antenne apparatuur. Mede dankzij deze infrastructuur behoort het Nederlandse mobiele internet tot de top in de wereld en kunnen gebruikers vrijwel overal in Nederland bellen, internetten, gamen en video’s streamen.
Joost Farwerck, CEO KPN: “We hebben de afgelopen jaren met ons mobiele netwerk een hele goede positie opgebouwd. Deze willen we naar de toekomst toe behouden en verder uitbouwen, ook met het oog op het alsmaar groeiende dataverkeer. Met deze samenwerking krijgen we meer grip en flexibiliteit op een groot aantal locaties van onze mobiele infrastructuur en realiseren we tegelijkertijd een duurzamer kostenmodel. Daarom bundelen we samen met ABP de krachten en wordt een portefeuille van zo’n 3.800 zendmasten en daklocaties verspreid over heel Nederland samengevoegd zodat meer slagkracht en synergievoordelen ontstaan.”
Harmen van Wijnen, bestuursvoorzitter ABP: “Wij beleggen graag in Nederland om de economische groei en werkgelegenheid te stimuleren en belangrijke infrastructuurprojecten tot stand te brengen. Via deze samenwerking met KPN versterken we de Nederlandse mobiele netwerken. Tegelijkertijd levert deze belegging een aantrekkelijk rendement op en daarmee is deze samenwerking op meerdere terreinen van betekenis voor onze pensioendeelnemers. Zo bouwen we niet alleen aan een goed pensioen maar ook aan goede mobiele en digitale bereikbaarheid in ons land.”
Omdat de ruimte voor zendmasten schaars is, wordt het voor mobiele operators de laatste jaren lastiger om nieuwe opstelpunten te realiseren. Ook vervanging van bestaande locaties bij aflopende huurcontracten kan complex zijn. Mobiele opstelpunten zijn van belang voor de continuïteit van het netwerk en verdere mobiele capaciteitsuitbreiding, zowel in drukke stadscentra als in minder dichtbevolkte gebieden. KPN en ABP gaan daarom samenwerken met het oog op een beter management van het passieve netwerk, wat zal resulteren in toekomst-vast gebruik van de locaties, harmonisatie en vereenvoudiging van huurcontracten. De infrastructuur blijft beschikbaar voor andere operators en mede door gedeeld gebruik van de locaties kunnen financieel aantrekkelijke gebruiks- en huurvoorwaarden worden geboden.
De infrastructuur was voorheen eigendom van KPN, NOVEC (eigendom TenneT) en Open Tower Company (eigendom NOVEC en ABP). De nieuwe onderneming krijgt een eigen bestuur dat verantwoordelijk is voor de exploitatie van de passieve infrastructuur met eigen zendmasten en locaties op hoogspanningsmasten en daken. ABP wordt bij deze transactie vertegenwoordigd door haar vermogensbeheerder APG. Deze aankondiging is nog onder voorbehoud van goedkeuring door de ondernemingsraad en de toezichthouder. Klik hiervoor meer informatie en financiële details over deze samenwerking. De samenwerking heeft geen gevolgen voor de werkgelegenheid.
Over KPN KPN is al vele decennia de toonaangevende leverancier van telecommunicatie en IT-diensten in Nederland. Elke Nederlander gebruikt dagelijks direct of indirect het KPN-netwerk, van de glasvezelverbindingen in de grond tot de pinautomaten in een winkel of de matrixborden boven de snelweg. Via het netwerk van Nederland, waar KPN continu in investeert door de aanleg van glasvezel en de uitrol van bijvoorbeeld het nieuwe mobiele 5G-netwerk, bedient KPN consumenten en zakelijke klanten met diensten voor telefonie, data, televisie, internet-of-things, cloud, werkplekken en security. KPN heeft een open netwerk waarover ook andere providers diensten aanbieden.
Over ABP Stichting Pensioenfonds ABP (ABP) is het bedrijfstakpensioenfonds voor werkgevers en werknemers van overheids- en onderwijsinstellingen in Nederland. ABP heeft 3,1 miljoen deelnemers en 514 miljard euro (per 31 maart 2024) aan vermogen beschikbaar.
De rechtbank van Rotterdam heeft woensdag groen licht gegeven voor de geplande veiling van radiofrequenties voor 5G-netwerken. Verschillende partijen waren naar de rechter gestapt omdat ze het niet eens waren met de veilingplannen.
De rechtszaak draaide om het zogenoemde Nationaal Frequentie Plan (NFP). In dat ‘bestemmingsplan’ is vastgesteld hoe de frequenties voor 5G-netwerken na de veiling moeten worden verdeeld. Telecomproviders en verschillende lokale partijen, waaronder Schiphol en de Rotterdamse haven, stapten naar de rechter omdat ze het niet eens zijn met die verdeling.
De rechter oordeelde woensdag dat het kabinet de frequenties zorgvuldig heeft verdeeld. De minister kan volgens de rechtbank onmogelijk iedereen tevredenstellen, doordat de belangen sterk uiteenlopen.
Telecomaanbieders klaagden dat het deel dat ze na een frequentieveiling zouden kunnen krijgen te beperkt was. Dat komt doordat een deel van de frequenties is gereserveerd voor lokale gebruikers, zoals Schiphol en de haven van Rotterdam.
De lokale gebruikers hadden juist geklaagd dat ze het verkeerde deel van de 5G-frequenties toegewezen kregen, en soms ook een te klein deel. Dat zou innovatie in bijvoorbeeld de haven van Rotterdam met autonoom varende schepen in de weg zitten.
Verdeling is volgens de rechter een politieke afweging
Maar de rechter is terughoudend met oordelen over de inhoud van het NFP. Dat is volgens de rechter een politieke afweging. De rechtbank heeft daarom vooral gekeken of de plannen evenredig zijn en de minister zorgvuldig heeft gehandeld. Dit bleek volgens de rechter inderdaad zo te zijn.
Het was oorspronkelijk de bedoeling dat de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) voor het einde van dit jaar de nieuwe 5G-frequenties op de 3,5GHz-band zou veilen. Maar door vele vertragingen vindt de veiling pas in 2024 plaats.
Telecomaanbieders hebben de frequenties hard nodig
De frequentieveiling is hard nodig omdat de hoeveelheid mobiel internetverkeer in ons land ieder jaar met 30 tot 50 procent toeneemt. Ook willen Nederlanders steeds sneller internet op hun telefoon.
Om aan die vraag te kunnen voldoen, moeten de providers hun netwerken steeds verder vergroten. Dat kan voor een deel op de huidige frequenties, door bijvoorbeeld nieuwe antennes te plaatsen. Maar er is een grens aan de capaciteit die momenteel aan de netwerken kan worden toegevoegd.
Voor verdere uitbreiding zijn meer radiofrequenties nodig. Die frequenties komen dankzij de veiling volgend jaar beschikbaar voor de telecomaanbieders.
In het eerste kwartaal van 2023 heeft toezichthouder Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) in totaal 224 EMV-metingen uitgevoerd. Het ging daarbij om 11 voorlichtingsmetingen en 213 steekproefmetingen. De gemeten elektromagnetische straling lag in alle gevallen onder de blootstellingslimieten.
Tijdens een breedbandige meting worden alle aanwezige bronnen van EMV meegenomen: signalen van zendmasten, antenne-installaties op daken van alle mobiele technologieën (inclusief 5G), antennes van mobiele telefoons, C2000, radio, televisie en wifi.
KPN, Vodafone en T-Mobile hebben een overeenkomst uit 2013 beëindigd waarin ze hadden afgesproken elkaar te helpen bij storingen in een mobiel netwerk. Er heeft zich de afgelopen jaren geen enkele situatie voorgedaan waarbij dat nodig was.
Minister Micky Adriaansens (Economische Zaken en Klimaat) heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over de beëindiging van de afspraken. Volgens de mobiele aanbieders zijn de afspraken “onnodig, te complex en te kostbaar” geworden.
De providers spraken in 2013 af dat klanten bij grote storingen konden gebruikmaken van andere netwerken. Dat moest voorkomen dat gebruikers van een mobiel netwerk lange tijd niet bereikbaar zouden zijn.
Aanleiding voor de afspraken was een dagenlange netwerkstoring bij Vodafone in 2012. Door een brand in een netwerkknooppunt lag het mobiele netwerk van de provider toen dagenlang plat.
Volgens de providers zijn de afspraken ondertussen achterhaald. Nederlanders gebruiken niet alleen het mobiele netwerk om te communiceren, maar ook wifinetwerken. WhatsApp werkt bijvoorbeeld ook via een wifinetwerk als er een storing is op het mobiele netwerk.
Complex, duur en niet meer nodig
Om de afspraken na te kunnen komen, moeten de providers hun netwerken koppelen. Dat is volgens de mobiele aanbieders complex en kostbaar. Sinds 2014 is er geen beroep gedaan op onderlinge hulp. Verder zijn de mobiele netwerken volgens de providers nu zo robuust, dat storingen zoals die in 2012 niet meer kunnen voorkomen.
Voordat de providers de overeenkomst beëindigden, onderzocht TNO de conclusies van de mobiele aanbieders. Ook de onderzoeksinstantie concludeerde dat de afspraken niet meer relevant zijn. Daarop beëindigden de providers het convenant.
Hoge monumentale gebouwen zijn vanouds bakens in het landschap. Denk aan kerktorens, vuurtorens en watertorens, maar ook aan industriële monumenten met hoge schoorstenen of opslagtorens, zoals silo’s. Vaak zijn deze gebouwen ook gewenste locaties voor het plaatsen van antenne-installaties. Maar plaatsing van deze antennes betekent altijd een visuele en bouwkundige aantasting in geval van beschermde monumenten of (rijks)beschermde stads- of dorpsgezichten. Plaatsing vraagt daar dan ook om maatwerk in het ontwerp en de uitvoering. Bovendien is plaatsing vergunningsplichtig in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
Soorten antennes
Met de groei en ontwikkeling van mobiele communicatie – denk aan 5G – stijgen ook de aantallen en soorten antenne-installaties. Een antenne-installatie voor mobiele communicatie noemt men ook wel zend-ontvangstinstallatie. Deze bestaat uit antennepanelen en bijbehorende Remote Radio Units (RRU’s), antennedragers, bedrading en (al dan niet in een installatiekast opgenomen) apparatuur (Base Tranceiver Station (BTS)), en de daarbij behorende bevestigingsconstructie en aansluiting op het energienetwerk. Antenne-installaties worden gemaakt door wereldwijde producenten. De plaatsing van de installaties gebeurt door aannemers, meestal in opdracht van mobiele netwerkaanbieders.
Twee soorten antenne-installaties
In grote lijnen zijn er twee soorten antenne-installaties voor mobiele communicatie.
Macro antenne-installaties. Deze installaties bedienen een groot gebied: enkele honderden meters in stedelijk gebied en enkele kilometers in landelijk gebied. De antennes staan bij voorkeur op een hoogte van 25 tot 40 meter, in elk geval op een hogere plek dan de bebouwing in de directe omgeving van de antennes. De gebruikte antennes noemt men paneel- of sectorantennes. Meestal zijn antennepanelen nodig die in drie en soms vier richtingen kunnen communiceren. Bovendien heeft een netwerkaanbieder soms meer dan één antennepaneel in dezelfde richting nodig. De antennepanelen zijn ongeveer één tot drie meter hoog. Dicht bij de panelen staan vaak RRU’s. Die versterken het zend- en ontvangstsignaal. Per antennepaneel zijn meestal meer RRU’s nodig.
Small cells. Dit zijn kleine antennes om een klein gebied te bedienen waar veel mensen bij elkaar komen, zoals stationsgebouwen, winkelcentra of parkeergarages. Small cells functioneren als aanvulling op macro antenne-installaties en hebben een bereik van enkele meters tot niet meer dan 200 meter. Je kunt ze binnen en buiten gebruiken. Je kunt ze plaatsen op straatmeubilair (zoals lantaarnpalen en bushokjes), aan gevels of in hoge ruimtes in gebouwen. Voor het gebruik van 5G is de aanwezigheid van small cells niet vereist; ze vormen enkel een toevoeging aan de functionaliteit en dekkingsgraad.
Verbinden antenne-opstellocaties
Veel antenne-opstellocaties van netwerkaanbieders zijn door glasvezel met elkaar verbonden. Daar waar nog geen glasvezel beschikbaar is maakt men gebruik van een straalverbinding via schotelantennes. De diameter van de schotel is meestal afhankelijk van de te overbruggen afstand, en kan variëren van 30 tot 90 centimeter.
Site sharing
Site sharing is het delen van antenne-opstellocaties door netwerkaanbieders. In de Telecommunicatiewet is geregeld dat aanbieders wederzijds verplicht zijn te voldoen aan redelijke verzoeken tot medegebruik van antenne-opstellocaties. Netwerkaanbieders maken echter geen gebruik van elkaars apparatuur (roaming). Als een eigenaar van een monument contracten met meerdere netwerkaanbieders afsluit, kan het monument vol komen te staan met installaties. Het gevolg daarvan is toenemende visuele en bouwkundige aantasting van dat monument. Daar staat tegenover dat je door site sharing het aantal monumentale gebouwen met antenne-installaties in een gebied kunt beperken. Gemeenten kunnen afhankelijk van de lokale situatie bepalen of site sharing wenselijk is.
Voor veel eigenaren van monumenten zoals o.a. kerkinstellingen zijn de door operators aangebrachte telecom-opstelpunten een zeer wenselijke extra inkomstenbron om de toch al hoge kosten van een monument deels te bekostigen.
Wel is het van belang dat de contractuele voorwaarden (niet enkel financieel) goed worden geregeld. Wie betaalt bijv. wat bij aanpassingen/ renovaties of bij beeindiging van een overeenkomst?
PROPERTY-TELECOM heeft ruime ervaring in het bijstaan van eigenaren van monumenten of er voor te zorgen dat de contractuele zaken goed en duidelijk worden overeengekomen. Meer informatie? Neem contact met ons op.